ECLI:NL:RBROT:2019:8101
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag bedrijfskapitaal wegens niet-levensvatbaarheid bedrijf makelaardij
Eiser vroeg bijstand voor levensonderhoud en bedrijfskapitaal aan voor zijn makelaarsbedrijf, gericht op verhuur en verkoop van exclusieve woningen. Verweerder wees de aanvraag af op grond van een advies van het Instituut voor het Midden- en Kleinbedrijf (IMK), dat concludeerde dat het bedrijf niet levensvatbaar is vanwege onvoldoende onderscheidend vermogen, een krimpende markt, gebrek aan kwaliteitscertificering, een zwak netwerk en een schuldenlast.
Eiser voerde aan dat het bedrijf wel levensvatbaar is en betwistte de onderbouwing van het IMK-rapport, maar de rechtbank vond dat eiser onvoldoende concrete en onderbouwde tegenargumenten aanvoerde. Het IMK-rapport was zorgvuldig opgesteld en neutraal, en verweerder mocht dit advies volgen. De rechtbank overwoog dat de situatie van het bedrijf op het moment van het besluit bepalend is en dat de financiële prognoses van het IMK realistisch zijn.
De rechtbank wees het beroep af omdat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat het bedrijf na bijstandsverlening een toereikend inkomen zal genereren om het bedrijf voort te zetten en in het bestaan te voorzien. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter A.J. van Spengen op 17 oktober 2019.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de aanvraag bedrijfskapitaal wordt ongegrond verklaard omdat het bedrijf niet levensvatbaar is.