ECLI:NL:RBROT:2019:8324

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
3 september 2019
Publicatiedatum
24 oktober 2019
Zaaknummer
10/010594-19
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 300 SrArt. 304 Sr
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs mishandeling kinderen in gezin

De rechtbank Rotterdam behandelde de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van het mishandelen van twee kinderen binnen haar gezin in de periode van mei tot november 2017. De tenlastelegging betrof onder meer het knijpen en draaien aan de oren en het slaan van de kinderen.

Tijdens de terechtzitting op 20 augustus 2019 werd het bewijs door zowel de officier van justitie als de verdediging beoordeeld. De officier van justitie vorderde vrijspraak vanwege het ontbreken van voldoende bewijs. De rechtbank volgde dit standpunt en oordeelde dat het ten laste gelegde niet wettig en overtuigend was bewezen.

De rechtbank sprak de verdachte daarom vrij van alle ten laste gelegde feiten. Dit vonnis werd uitgesproken op 3 september 2019 door de meervoudige kamer voor strafzaken van de rechtbank Rotterdam.

Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van mishandeling.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team straf 2
Parketnummer: 10/010594-19
Datum uitspraak: 3 september 2019
Tegenspraak
Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:
[naam verdachte],
geboren te [geboorteplaats verdachte] (Suriname) op [geboortedatum verdachte] ,
ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres:
[adres verdachte] , [woonplaats verdachte] ,
raadsman mr. G.E. Toxopeus, advocaat te Rotterdam.

1.Onderzoek op de terechtzitting

Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 20 augustus 2019.

2.Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.

3.Eis officier van justitie

De officier van justitie mr. B.M.M. Zonneveld heeft gevorderd:
- vrijspraak van het ten laste gelegde.

4.Waardering van het bewijs

4.1.
Vrijspraak zonder nadere motivering
Met de officier van justitie en de verdediging is de rechtbank van oordeel dat het ten laste gelegde niet wettig en overtuigend is bewezen, zodat de verdachte daarvan zonder nadere motivering zal worden vrijgesproken.

5.Bijlagen

De in dit vonnis genoemde bijlage maakt deel uit van dit vonnis.

6.Beslissing

De rechtbank:
verklaart niet bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Dit vonnis is gewezen door:
mr. A.M.G. van de Kragt, voorzitter,
en mrs. M.J.M. van Beckhoven en D.I. Hendriks-van Wel, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. V.E. Scholtens, griffier,
en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank op 3 september 2019.
Bijlage I
Tekst tenlastelegging
Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat
zij in of omstreeks de periode van 1 mei 2017 tot en met 23 november
2017 te Rotterdam
een of meer kinderen die zij verzorgt of opvoedt als behorend tot haar
gezin, te weten [naam kind 1] (geboren [geboortedatum kind 1] 2007) en/of [naam kind 2]
(geboren [geboortedatum kind 2] 2004)
heeft mishandeld door
- die [naam kind 1] bij de oren beet te pakken en/of vervolgens in de
oren te knijpen en/of de oren om te draaien
en/of
- die [naam kind 2] met vlakke hand op/tegen het gezicht, althans het
lichaam te slaan;
(art 300 lid 1 Wetboek Pro van Strafrecht, art 304 ahf Pro/sub 1 Wetboek van Strafrecht)