ECLI:NL:RBROT:2019:8324
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs mishandeling kinderen in gezin
De rechtbank Rotterdam behandelde de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van het mishandelen van twee kinderen binnen haar gezin in de periode van mei tot november 2017. De tenlastelegging betrof onder meer het knijpen en draaien aan de oren en het slaan van de kinderen.
Tijdens de terechtzitting op 20 augustus 2019 werd het bewijs door zowel de officier van justitie als de verdediging beoordeeld. De officier van justitie vorderde vrijspraak vanwege het ontbreken van voldoende bewijs. De rechtbank volgde dit standpunt en oordeelde dat het ten laste gelegde niet wettig en overtuigend was bewezen.
De rechtbank sprak de verdachte daarom vrij van alle ten laste gelegde feiten. Dit vonnis werd uitgesproken op 3 september 2019 door de meervoudige kamer voor strafzaken van de rechtbank Rotterdam.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van mishandeling.