ECLI:NL:RBROT:2019:8569
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Eigenrisicodragerschap WGA na fusie en overgang van onderneming
Eiseres is op 3 januari 2018 gefuseerd met twee ondernemingen die geen eigenrisicodrager waren. Verweerder heeft bij besluiten de WGA-uitkeringen van werknemers die voorheen bij deze ondernemingen werkten, vanaf die datum aan eiseres toegerekend. Eiseres betwistte dit en stelde dat zij pas vanaf 3 januari 2018 werkgever was en geen risico droeg voor uitkeringen waarvan de wachttijd vóór haar eigenrisicodragerschap was begonnen.
De rechtbank stelde vast dat de inspecteur van de Belastingdienst eiseres met ingang van 1 januari 2018 toestemming had gegeven om eigenrisicodrager te zijn. De fusie vond plaats op 3 januari 2018, waarbij de ondernemingen van niet-eigenrisicodragers aan eiseres zijn overgedragen. Op grond van artikel 82, derde lid, aanhef en onder a, van de Wet WIA draagt de verkrijgende eigenrisicodrager het risico voor WGA-uitkeringen van werknemers bij wie de wachttijd is aangevangen tijdens het dienstverband bij de overdragende werkgever.
De rechtbank verwierp het standpunt van eiseres dat deze bepaling niet van toepassing was omdat haar rechtsvoorgangers geen eigenrisicodrager waren. Ook het argument dat de wetgeving per 23 november 2018 was gewijzigd en dit gunstiger zou zijn voor eiseres, faalde omdat de fusie en het eigenrisicodragerschap eerder plaatsvonden. De rechtbank concludeerde dat verweerder terecht de risico's aan eiseres heeft toegerekend en verklaarde de beroepen ongegrond.
Uitkomst: De beroepen van eiseres worden ongegrond verklaard en zij draagt het risico voor WGA-uitkeringen vanaf 3 januari 2018.