Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.Het verloop van de procedure
- de dagvaarding van 12 september 2019, met producties;
- de voorafgaande aan de mondelinge behandeling ingezonden productie aan de zijde van [gedaagde 1] .
Rechtbank Rotterdam
De zaak betreft een kort geding tussen een woningbouwvereniging en twee huurders van een woning in Rotterdam. De verhuurder vordert ontruiming van de woning wegens ernstige tekortkomingen door de huurder, waaronder het niet zelf bewonen van de woning, het veroorzaken van overlast, het onderverhuren aan derden zonder toestemming en de productie van GHB in de woning.
De huurder betwist het spoedeisend belang en voert verweer tegen de vordering, maar de kantonrechter oordeelt dat er wel degelijk sprake is van spoedeisend belang vanwege recente politie-inval waarbij drugs en GHB-productie zijn aangetroffen. Verder is aannemelijk dat de huurder tekort is geschoten in zijn verplichtingen en dat een bodemrechter de huurovereenkomst waarschijnlijk zal ontbinden.
De kantonrechter wijst de vordering toe en veroordeelt de huurders tot ontruiming van de woning, betaling van de huurprijs voor de periode na 31 augustus 2019 en de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De huurders worden veroordeeld tot ontruiming van de woning wegens productie van GHB en overlast, met betaling van huur en proceskosten.