Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van het onder 1 en 2 ten laste gelegde (met partiële vrijspraak voor het onder feit 2 ten laste gelegde bestanddeel ‘een beroep en/of een gewoonte heeft gemaakt’, en voor de periode voor 15 januari 2017);
- veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden met aftrek van voorarrest, waarvan 12 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaar en als bijzondere voorwaarde dat de verdachte zich zal gedragen naar de aanwijzingen van de reclassering.
4.Ontvankelijkheid officier van justitie; bewijsuitsluiting?
5.Waardering van het bewijs
‘met die man’ en ‘
dat het net binnengekomen is’. Op 29 juni 2017, om omstreeks 13:40 uur wordt door het observatieteam waargenomen dat de verdachten aankomen bij het [naam winkel] . Voorts wordt waargenomen dat beide verdachten uit de winkel komen, waarbij [naam medeverdachte 1] iets in zijn handen heeft. De verdachten rijden voorts over de grens Nederland weer in, waarna ze in Rotterdam, in de omgeving van de woning van de verdachte worden aangehouden. In het voertuig worden onder andere tien Bruni 315 alarmpistolen aangetroffen. Deze alarmpistolen zijn wapens in de zin van artikel 2 lid Pro 1, categorie III, onder 4 van de Wet Wapens en Munitie.
- [telefoonnummer 2] ;
- [telefoonnummer 1] ;
- [telefoonnummer 3] ;
- [telefoonnummer 4] ;
- [telefoonnummer 5] ;
- [telefoonnummer 6] ;
- [telefoonnummer 7] .
ik heb een van die dingen nodig, die ene die draait’. [naam medeverdachte 1] vraagt ‘
kleintje’en de verdachte antwoordt met ja. De verdachte zegt dan, ‘
stel één van die dingen en breng hem naar mij. Ik regel het met die mensen man, ze komen het bij mij ophalen. Ik geef die torrie wel...geef eentje en breng naar mij toe’.
Je weet dat ik die Marokkanen heb die vermoed zijn en gelijk betalen, rap rap, rap." Als [naam medeverdachte 2] vraagt hoe groot het is en of het een stok is, antwoordt [naam medeverdachte 1] : "
gewoon hand, hand, maar groot". [naam medeverdachte 2] vraagt of het "
een woestijn" is, waarop [naam medeverdachte 1] antwoordt: "
ja toch. Met Smitje". [naam medeverdachte 2] vraagt verderop in het gesprek of deze "
available” is waarop [naam medeverdachte 1] antwoordt: "
ja, maar het heeft geen boontje". De prijs is volgens [naam medeverdachte 1] “
18”. [naam medeverdachte 2] vraagt dan of het vier vijf is, waarop [naam medeverdachte 1] antwoordt: "
Nee, 38". [naam medeverdachte 2] vraagt dan nogmaals: "
380? " waarop [naam medeverdachte 1] antwoordt ja. Deze kost 2000. De officier van justitie wijst er terecht op dat met “woestijn” een verwijzing lijkt te worden gemaakt naar een Smith & Wesson Desert Eagle.
“ja, maar die mensen slapen op die doosjes op mij. Ik heb broer, ik heb bestelling voor drie doosjes”.
380” en “
Smith en Wesson”.
'bala nan'(hetgeen volgens de tolk kogels zijn) op zoek is. Vervolgens gaat het gesprek over een ding dat blijkbaar niet goed werkt. Iets zit helemaal naar achter en [naam 3] durft niet verder op dat ding te drukken omdat het dan 'klinkt/geluid geeft'. Verder zegt [naam 3] dat hij al een geluid heeft gemaakt en daarom een doos nodig heeft.
die pipa, alle zit erin/eraan...het is geboord en alle klote dingen is er al mee gedaan...ik moet alleen bijwerken. Eentje die klaar klaar is."
De bonchi (bonen) heb je die er ook in gedaan? Ik kan me herinneren dat je zei 'lagen die daar' dit en dat...ik weet niet of je ze nog gepakt heb of heb je die erin gedaan, want ik heb de zaak gewoon in de buddy gedaan." Waarop de verdachte antwoordt met een ingesproken bericht: "
ach nee boontje zijn er niet." De verdachte geeft vervolgens aan over 20 minuten thuis te zijn en dat
'de dingen gewoon bij hem zijn'. In de tijdspanne van dit gesprek voert [naam medeverdachte 1] drie telefoongesprekken. Daarin wordt [naam medeverdachte 1] gevraagd of hij een Jeep heeft, hetgeen [naam medeverdachte 1] bevestigt. Er wordt een afspraak in Beverwaard gemaakt. Vervolgens laat [naam medeverdachte 1] aan de verdachte weten dat
'die man hier 3 barkie bij zich heeft' en dat de verdachte ja of nee moet zeggen. De verdachte antwoordt dat 3 barkie voor 1 is en dat hij hem dan leeg krijgt.
'ja'. Op 14 maart 2017 wordt tussen de verdachte en diezelfde Dust gesproken over de betaling van snoepjes.
15 januari 2017tot en met 29 juni 2017 in Nederland,tezamen en in vereniging met een ander,
heeft vervaardigd en getransformeerd en overgedragen
6.Strafbaarheid feiten
overdragenvan wapens van categorie II en III.
7.Strafbaarheid verdachte
8.Motivering straf
9.Voorlopige hechtenis
10.Toepasselijke wettelijke voorschriften
11.Bijlagen
12.Beslissing
gevangenisstraf voor de duur van 23 (drieëntwintig) maanden;
en/of overdragen