ECLI:NL:RBROT:2019:9554
Rechtbank Rotterdam
- Wraking
- A.A. Kalk
- I.K. Rapmund
- J. van den Bos
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid wrakingsverzoek tegen alle rechters rechtbank Rotterdam
Verzoeker heeft tijdens een zitting van de politierechter op 15 oktober 2019 wraking van alle rechters van de rechtbank Rotterdam verzocht, met als doel verwijzing van zijn strafzaken naar een andere rechtbank. Hij baseert dit op eerdere bedreigingen van officieren en rechters en een eerdere verwijzing van een zaak naar de rechtbank Utrecht vanwege vermeende vooringenomenheid.
De politierechter en de officier van justitie hebben het wrakingsverzoek afgewezen, stellende dat de bedreigingen niet leiden tot een gegronde vrees voor vooringenomenheid en dat de feiten van de huidige zaak geen betrekking hebben op bedreigingen tegen rechters of officieren. De wrakingskamer oordeelt dat wraking slechts kan worden gericht tegen individuele rechters die betrokken zijn bij de zaak, niet tegen alle rechters van een rechtbank en evenmin tegen een rechtscollege als geheel.
Omdat het verzoek zich richt tegen alle rechters van de rechtbank Rotterdam, wordt het verzoek niet-ontvankelijk verklaard. Tevens wordt vastgesteld dat verzoeker misbruik maakt van het wrakingsrecht door te trachten via wraking een verwijzing naar een andere rechtbank te bewerkstelligen. Daarom wordt bepaald dat een volgend wrakingsverzoek in deze zaak niet in behandeling wordt genomen.
Uitkomst: Wrakingsverzoek tegen alle rechters rechtbank Rotterdam niet-ontvankelijk verklaard met verbod op behandeling volgend verzoek.