Eiser kocht op 31 mei 2019 een tweedehands Peugeot 508 van gedaagde. Enkele weken later bleek de auto problemen te hebben, waarna eiser de auto liet repareren en de kosten hiervan aan gedaagde wilde verhalen. Eiser stelde dat de auto bij koop niet de eigenschappen bezat die hij mocht verwachten en dat gedaagde tekort was geschoten in de nakoming van de koopovereenkomst.
Gedaagde betwistte dit en overlegde bewijs van zorgvuldigheid, waaronder een recente APK-keuring en een eerder uitgevoerde distributieriemvervanging. Eiser kon niet aantonen dat de auto bij koop niet voldeed aan de overeenkomst, mede omdat hij de auto inmiddels had doorverkocht en geen aanvullend bewijs kon leveren.
De kantonrechter oordeelde dat onvoldoende is komen vast te staan dat de auto non-conform was bij de koop en dat gedaagde niet tekort is geschoten. De vordering tot vergoeding van de reparatiekosten en bijkomende kosten werd daarom afgewezen. Eiser werd veroordeeld in de proceskosten van gedaagde.