ECLI:NL:RBROT:2020:11530
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering erfgrens na onvoldoende bewijsaanbod na eigendomsovergang
In deze civiele procedure over een erfgrenskwestie tussen eiseres en gedaagde heeft de kantonrechter het bewijsaanbod van eiseres na de eigendomsovergang van de woning onvoldoende geconcretiseerd bevonden. Eiseres stelde dat zij reeds bewijs had geleverd met een kadastraal meetverslag van mei 2019, maar dit werd niet als toereikend erkend omdat gedaagde niet als belanghebbende was uitgenodigd bij die meting.
De kantonrechter benadrukte dat het aan eiseres was om haar bewijsaanbod te verduidelijken en aan te passen aan de gewijzigde eigendomssituatie, maar dit is niet gebeurd ondanks meerdere kansen. Hierdoor is niet bewezen dat de schutting en vlonderplanken van gedaagde op het erf van eiseres staan. De eerdere beslissing over de schadevergoeding bleef ongewijzigd en werd niet toegewezen.
De vorderingen van eiseres worden afgewezen en zij wordt veroordeeld in de proceskosten, die nihil zijn aan de zijde van gedaagde omdat deze zonder gemachtigde procedeerde. Het vonnis is uitgesproken door kantonrechter Rapmund op 11 december 2020 te Rotterdam.
Uitkomst: De vorderingen worden afgewezen wegens onvoldoende bewijs en eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten.