Eiseres, een aannemer, vordert betaling van openstaande facturen voor graafwerkzaamheden verricht voor Baas B.V. en schadevergoeding wegens vermeende onrechtmatige opzegging van de duurovereenkomst. Baas betwist de juistheid van de facturen en stelt dat geen opzegging heeft plaatsgevonden.
De rechtbank oordeelt dat de foutieve vermelding van de vennoot als eiser in de dagvaarding geen niet-ontvankelijkheid veroorzaakt, omdat het duidelijk was dat de vof de partij was. Ten aanzien van de factuur voor het project in Numansdorp wordt vastgesteld dat niet de gehele sleuf over 1,4 km puinverharding bevatte, waardoor een bedrag van €2.500 wordt afgetrokken. De diepte van de sleuf wordt wel bevestigd.
Voor de projecten in Rijswijk en Malakkastraat wordt betaling toegewezen, waarbij Baas de betaling van het laatste bedrag nog niet heeft uitgevoerd ondanks ontvangst van de PV-staat. De vordering tot schadevergoeding wegens opzegging wordt afgewezen omdat onvoldoende is gesteld en bewezen dat Baas de overeenkomst heeft opgezegd. De vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten wordt gematigd tot €958,28. Proceskosten worden gecompenseerd zodat partijen elk hun eigen kosten dragen.