Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Het procesverloop en de processtukken
- de rechter;
- de officier van justitie mr. J. Spaans.
Rechtbank Rotterdam
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen mr. C.G. van de Grampel, rechter in een procedure over het bepalen en verwerken van zijn DNA-profiel. Het verzoek was gebaseerd op het feit dat de rechter niet wilde schorsen voor overleg met zijn advocaat tijdens de zitting. De wrakingskamer heeft het verzoek behandeld en het verzoek om uitstel van de zitting afgewezen vanwege het belang van spoedige behandeling en onvoldoende onderbouwing van lichamelijke klachten.
De rechter heeft verklaard dat er geen sprake was van vooringenomenheid of omstandigheden die dit zouden rechtvaardigen. De beslissing om de zitting niet te schorsen viel binnen de taak van de rechter om de procesorde te bewaken. De wrakingskamer oordeelde dat de geuite vrees voor vooringenomenheid niet objectief gerechtvaardigd was.
Daarom werd het wrakingsverzoek ongegrond verklaard en afgewezen. De beslissing werd uitgesproken door mr. A. Verweij namens de meervoudige kamer voor wrakingszaken van de rechtbank Rotterdam op 17 december 2020.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter is afgewezen wegens het ontbreken van zwaarwegende aanwijzingen voor vooringenomenheid.