De rechtbank Rotterdam behandelde een verzoek van de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond tot wijziging van de omgangsregeling en verdeling van zorg- en opvoedingstaken over twee minderjarige kinderen. De ouders oefenden gezamenlijk het ouderlijk gezag uit, maar konden niet tot overeenstemming komen over de omgangsregeling, ondanks begeleidingstrajecten.
De huidige regeling, vastgesteld in mei 2019, voorzag in een wisselende zorgverdeling waarbij de kinderen meerdere keren per week wisselden van ouder. De gecertificeerde instelling stelde een nieuwe regeling voor die meer rust en duidelijkheid zou bieden, met een gelijkere verdeling van weekenden en vakanties, en rekening houdend met de wensen van de kinderen om meer weekenden bij de moeder door te brengen.
De moeder steunde het verzoek, terwijl de vader het behoud van de huidige regeling wenste vanwege praktische bezwaren zoals zijn werkrooster en woningcondities. De rechtbank oordeelde dat het belang van de kinderen voorop staat en dat de voorgestelde regeling van de gecertificeerde instelling beter aansluit bij hun wensen en zorgtaken, mits ouders in goed overleg blijven handelen.
De rechtbank wijzigde de omgangsregeling overeenkomstig het voorstel van de gecertificeerde instelling en verklaarde de beschikking uitvoerbaar bij voorraad voor de duur van de ondertoezichtstelling tot 23 april 2021.