Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..De procedure
- de dagvaarding van 29 augustus 2019, met producties;
- de conclusie van antwoord in conventie en van voorwaardelijke eis in reconventie van Loro Viking, Monte Rosa, Orikus en de maatschap, met producties;
- de conclusie van antwoord in (voorwaardelijke) reconventie tevens houdende wijziging van (de gronden van) de eis in conventie van WM Works, met producties;
- het B16-formulier van 12 oktober 2020 waarbij WM Works heeft meegedeeld dat Vrijheid Apeldoorn op 30 oktober 2019 failliet is verklaard;
- het exploot van 16 oktober 2020 waarbij WM Works de vermeerdering van eis aan Bluebells heeft laten betekenen;
- de brief van de rechtbank waarbij partijen zijn opgeroepen voor een mondelinge behandeling;
- het proces-verbaal van de op 29 oktober 2020 gehouden mondelinge behandeling;
- de opmerkingen op het proces-verbaal van de zijde van WM Works bij brief van 10 november 2020.
2..De feiten
(…)
hierna ook te noemen: “
schuldenaar”
hierna ook te noemen: “
schuldeiser”
3..De vordering en het verweer
4..De voorwaardelijke reconventie
5..De beoordeling
In conventie
handelsrenteex artikel 6:119a BW betreft.
handelsrenteex artikel 6:119a BW. Aan de voorwaarde waaronder deze vordering is ingesteld is dus niet voldaan.