Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
beschikking
de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond,
[naam kind] ,
[naam moeder] ,
Het procesverloop
De feiten
Het verzoek
De standpunten
De beoordeling
De beslissing
Den Haag.
Rechtbank Rotterdam
De gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond verzocht om een spoedmachtiging gesloten jeugdhulp voor [naam kind] voor vier weken, gevolgd door een machtiging voor twee maanden. [Naam kind] verblijft op een gesloten groep en de moeder oefent het ouderlijk gezag uit.
De moeder en de advocaat van [naam kind] voerden verweer tegen het spoedverzoek en de verlenging. De moeder betwistte de juistheid van de onderbouwing en stelde dat [naam kind] al op een gesloten groep verbleef. De GI had op 2 oktober 2020 een mondeling spoedverzoek ingediend, terwijl reeds een machtiging gesloten jeugdhulp liep tot 2 november 2020.
De kinderrechter stelde vast dat de spoedmachtiging overlapt met de bestaande machtiging en concludeerde dat het belang aan het spoedverzoek ontbreekt. Daarnaast ontbrak een instemmingsverklaring van een gekwalificeerde gedragswetenschapper voor het verlengingsverzoek. Daarom werd de spoedmachtiging vervallen verklaard en het vervolgverzoek afgewezen.
De kinderrechter benadrukte het belang van een correcte en volledige weergave van feiten door de GI bij (spoed)verzoeken. Een verzoek tot verlenging van de ondertoezichtstelling werd aangekondigd, maar was nog niet ingediend op het moment van de uitspraak.
Uitkomst: De spoedmachtiging gesloten jeugdhulp wordt vervallen verklaard en het vervolgverzoek wordt afgewezen.