ECLI:NL:RBROT:2020:12912

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
13 november 2020
Publicatiedatum
4 februari 2021
Zaaknummer
C/10/607614 / FA RK 20-8743
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:4 WvggzTijdelijke wet COVID-19 Justitie en Veiligheid
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlening zorgmachtiging voor verplichte medicatie bij schizofrenie en medicatieontrouw

De officier van justitie verzocht de rechtbank Rotterdam om een zorgmachtiging toe te kennen aan betrokkene, die lijdt aan schizofrenie en zwakbegaafdheid. Betrokkene vertoonde recent seksueel ontremd en agressief gedrag, wat leidde tot overplaatsingen binnen de zorginstelling. Uit medisch onderzoek bleek dat betrokkene de medicatie niet trouw innam, wat de incidenten waarschijnlijk veroorzaakte.

Tijdens de mondelinge behandeling, waarbij betrokkene en zijn advocaat via een videoverbinding werden gehoord, bevestigden psychiaters dat verplichte zorg noodzakelijk is om ernstig nadeel af te wenden en de geestelijke gezondheid te stabiliseren. Er waren geen minder bezwarende alternatieven en betrokkene kon de medicatie niet vrijwillig innemen.

De rechtbank oordeelde dat de zorgmachtiging voor zes maanden gerechtvaardigd is, waarbij het toedienen van medicatie als noodzakelijke vorm van verplichte zorg werd vastgesteld. Deze maatregel is evenredig en gericht op het bevorderen van de maatschappelijke participatie en veiligheid van betrokkene.

Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor zes maanden voor het toedienen van medicatie aan betrokkene.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

Team familie
Zaak-/rekestnummer: C/10/607614 / FA RK 20-8743
Betrokkenenummer: [nummer]
Schriftelijke uitwerking van de mondelinge beslissing van 13 november 2020 betreffende een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (hierna: Wvggz)
op verzoek van:
de officier van justitie in het arrondissement Rotterdam,hierna: de officier,
met betrekking tot:
[naam betrokkene],
geboren op [geboortedatum betrokkene] , [geboorteplaats betrokkene] ,
hierna: betrokkene,
verblijvende in Antes, locatie [verblijfadres betrokkene] ,
advocaat mr. K. Lammers-Roselaar te Rotterdam.

1..Procesverloop

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit het verzoekschrift van de officier, ingekomen op 10 november 2020.
Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:
- de medische verklaring opgesteld door [naam 1] , psychiater, van
2 november 2020;
  • de zorgkaart;
  • het zorgplan van 26 oktober 2020;
  • de bevindingen van de geneesheer-directeur over het zorgplan;
  • de gegevens over eerder afgegeven machtigingen op grond van de Wet Bopz en de Wvggz;
  • het bericht dat er geen relevante politiegegevens en/of de strafvorderlijke- en justitiële gegevens van betrokkene zijn.
1.2.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 13 november 2020. Bij die gelegenheid zijn (overeenkomstig artikel 2 lid 1 van Pro de Tijdelijke wet COVID-19 Justitie en Veiligheid) via beeld- en geluidverbinding gehoord:
  • betrokkene met zijn hiervoor genoemde advocaat;
  • [naam 2] , psychiater en [naam 3] , coassistent, beiden verbonden aan Antes.
1.3.
De officier is niet gehoord, omdat hij een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig achtte.

2..Beoordeling

2.1.
Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling blijkt dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis, te weten schizofrenie. Daarnaast is er bij betrokkene sprake van zwakbegaafdheid.
2.2.
Het gedrag van betrokkene leidt als gevolg van zijn psychische stoornis tot ernstig nadeel, gelegen in het bestaan van of het aanzienlijk risico op ernstig lichamelijk letsel, ernstige verwaarlozing maatschappelijke teloorgang, de situatie dat betrokkene met hinderlijk gedrag agressie van anderen oproept en de situatie dat de algemene veiligheid van personen of goederen in gevaar is. Betrokkene is langdurig opgenomen bij Antes omdat hij zich buiten de kliniek niet kan handhaven. Vanwege recente incidenten, waarbij betrokkene seksueel ontremd en agressief was, is betrokkene overgeplaatst van een langdurig verblijf afdeling naar een gesloten afdeling. Nadat betrokkene daar agressief was naar verpleging is hij overgeplaatst naar crisisopname. De coassistent geeft aan dat de incidenten waarschijnlijk voortkomen uit medicatieontrouw van betrokkene. Tijdens controles bleek de medicatiespiegel van betrokkene lager te zijn dan verwacht mocht worden op grond van de medicatie die betrokkene zou moeten innemen. De psychiater licht toe dat de enige verklaring hiervoor is dat betrokkene de medicatie niet altijd goed inneemt.
2.3.
Om ernstig nadeel af te wenden en de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren, heeft betrokkene verplichte zorg nodig.
2.4.
Gebleken is dat er geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis zijn.
Betrokkene zegt de medicatie vrijwillig in te (willen) nemen. De rechtbank heeft, gelet op de incidenten en de lage spiegel van betrokkene, onvoldoende vertrouwen dat betrokkene de medicatie vrijwillig inneemt en medicatietrouw is geweest. Om die reden is verplichte zorg nodig.
2.5.
De in het verzoekschrift opgenomen vormen van verplichte zorg zijn gebaseerd op de medische verklaring, het zorgplan en de bevindingen van de geneesheer-directeur. Deze vormen van verplichte zorg zijn door de rechtbank tijdens de mondelinge behandeling besproken. De psychiater heeft aangegeven dat, wanneer de medicatie verplicht kan worden gegeven, de overige vormen van verplichte zorg niet nodig zijn. Gelet op het voorgaande acht de rechtbank de volgende vormen van verplichte zorg noodzakelijk om het ernstig nadeel af te wenden:
- het toedienen van medicatie.
2.6.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De voorgestelde verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief. Uit de stukken blijkt dat bij het bepalen van de juiste zorg rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene.
2.7.
Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. De zorgmachtiging zal worden verleend voor de verzochte duur van zes maanden met ingang van de dag van de mondelinge beslissing.

3..Beslissing

De rechtbank:
3.1.
verleent een zorgmachtiging ten aanzien van [naam betrokkene] voornoemd;
3.2.
bepaalt dat bij wijze van verplichte zorg de maatregelen zoals opgenomen in rechtsoverweging 2.5. kunnen worden getroffen;
3.3.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 13 mei 2021.
Deze beschikking is op 13 november 2020 mondeling gegeven door mr. D.C.J. Peeck, rechter, in tegenwoordigheid van M. Streefland, griffier en op 30 november 2020 schriftelijk uitgewerkt en getekend.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.