Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van het impliciet primair ten laste gelegde medeplegen van gewoontewitwassen;
- veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 6 maanden.
4.Waardering van het bewijs
€ 2.000,- per keer. [naam medeverdachte] zou dit met pokeren hebben verdiend. Ten aanzien van de contante stortingen heeft de verdachte verklaard dat deze zijn gedaan met geld dat zij van [naam medeverdachte] ontving (en dus niet, zoals aangevoerd door de verdediging, met salaris dat zij eerst heeft opgenomen om vervolgens op een later moment weer te kunnen storten). Ten aanzien van de contante aankoopbonnen die in de woning van de verdachte zijn aangetroffen heeft zij verklaard dat zij een deel van die bonnen heeft voldaan met contant geld dat zij van [naam medeverdachte] ontving. Over de Mercedes Benz heeft de verdachte verklaard dat [naam medeverdachte] deze auto voor haar heeft geregeld en de betalingen verrichtte. Ten aanzien van de cash die in haar woning is aangetroffen, heeft de verdachte het volgende verklaard. Het bedrag van € 5.000,- (bestaande uit 10 briefjes van € 500,-) was spaargeld van de verdachte. De verdachte spaarde onder andere van het geld dat [naam medeverdachte] maandelijks aan haar gaf. De verdachte heeft verklaard dat ze het bedrag van € 5.000,- heeft opgenomen bij de ING en dat zij dit bedrag heeft aangevraagd in coupures van € 500,-. Er lag in de woning ook een bedrag van € 1.000,- aan spaargeld voor één van haar dochters; ook dat geld was afkomstig van [naam medeverdachte] . Ten slotte had de verdachte ook nog een bedrag van € 1.000,- in haar tas van haar voormalige schoonzuster, die een maand eerder aan de verdachte had gevraagd om dat bedrag voor haar apart te leggen.
deelsbestonden uit legale inkomsten van de verdachte (doordat zij een deel van haar salaris contant zou hebben opgenomen), geldt dat deze inkomsten vermengd zijn geraakt met van misdrijf afkomstige vermogensbestanddelen. Alle contante bedragen die de verdachte voorhanden heeft gehad kunnen daarom worden aangemerkt als ‘mede’ of ‘deels’ uit misdrijf afkomstig. Dat geldt dus zowel voor de € 5.000,- van de verdachte als voor de € 1.000,- waarover de verdachte heeft verklaard dat die van haar schoonzus is. De rechtbank constateert dat laatstgenoemd bedrag kennelijk onderdeel was van de € 1.300,- die is aangetroffen in de portemonnee van de verdachte. Dit bedrag bestond uit 26 briefjes van € 50,-. Voor zover een deel daarvan al zou toebehoren aan de schoonzus van de verdachte, hetgeen in ieder geval niet uit de samenstelling van het bedrag blijkt, geldt dat dit vermengd is geraakt met het overige contante geld van de verdachte.
van1 januari 2015
5.645,41euro (contante uitgaven) en
7.348,75euro (op 17 april 2018 aangetroffen),
en Mercedes Benz- onmiddellijk of middellijk – afkomstig waren uit enig misdrijf;
5.Strafbaarheid feit
6.Strafbaarheid verdachte
7.Motivering straf
8.In beslag genomen voorwerpen
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Bijlagen
11.Beslissing
gevangenisstraf voor de duur van 2 (zegge: twee) weken;
120 (zegge: honderdtwintig) uren, waarbij de Reclassering Nederland dient te bepalen uit welke werkzaamheden de taakstraf dient te bestaan;
114 (zegge: honderdveertien) urente verrichten taakstraf resteert;
57 (zegge: zevenenvijftig) dagen;
- verklaart verbeurd als bijkomende straf: de geldbedragen van € 1.300,-, € 5.000,- € 8030,- en € 1.009,01.