Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBROT:2020:12939

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
8 december 2020
Publicatiedatum
5 februari 2021
Zaaknummer
C/10/608331 / FA RK 20-9103
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:4 WvggzWet verplichte geestelijke gezondheidszorg
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing zorgmachtiging op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg

De officier van justitie verzocht de rechtbank Rotterdam om een zorgmachtiging toe te kennen aan betrokkene, die lijdt aan recidiverende psychotische episodes in het kader van schizofrenie. Betrokkene is sinds februari 2019 gestopt met behandeling en medicatie, wat heeft geleid tot toenemende psychotische ontregeling, verminderde zelfzorg, schuldenrisico en agressieve incidenten richting naasten.

Tijdens de mondelinge behandeling op 8 december 2020 waren betrokkene, zijn advocaat, zijn moeder en een verpleegkundige aanwezig. De officier van justitie was niet aanwezig omdat geen nadere toelichting werd geacht nodig. Uit de medische verklaring, het zorgplan en de bevindingen van de geneesheer-directeur blijkt dat verplichte zorg noodzakelijk is om ernstig nadeel af te wenden en de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren.

De rechtbank achtte reguliere verplichte zorg gedurende zes maanden noodzakelijk, evenals verplichte zorg in crisissituaties, waaronder medicatietoediening, medische controles, beperkingen in vrijheid en opname in een accommodatie. Minder bezwarende alternatieven zijn niet beschikbaar. De zorgmachtiging wordt verleend met ingang van 8 december 2020 tot en met 8 juni 2021. Tegen deze beschikking staat cassatie open.

Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor zes maanden met verplichte zorg in reguliere en crisissituaties.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

Team familie
Zaak-/rekestnummer: C/10/608331 / FA RK 20-9103
Betrokkenenummer: [nummer]
Schriftelijke uitwerking van de mondelinge beslissing van 8 december 2020 betreffende een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (hierna: Wvggz)
op verzoek van:
de officier van justitie in het arrondissement Rotterdam,hierna: de officier,
met betrekking tot:
[naam betrokkene],
geboren op [geboortedatum betrokkene] , [geboorteplaats betrokkene]
hierna: betrokkene,
wonende en verblijvende te Rotterdam,
advocaat mr. H. Vrijhof te Rotterdam.

1..Procesverloop

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit het verzoekschrift van de officier, ingekomen op 20 november 2020.
Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:
  • de medische verklaring opgesteld door [naam 1] , psychiater, van 9 november 2020;
  • de zorgkaart;
  • het zorgplan van 15 oktober 2020;
  • de bevindingen van de geneesheer-directeur over het zorgplan;
  • de gegevens over eerder afgegeven machtigingen op grond van de Wet Bopz en de Wvggz; en
  • het bericht dat er geen relevante politiegegevens en/of de strafvorderlijke- en justitiële gegevens van betrokkene zijn.
1.2.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 8 december 2020. Bij die gelegenheid zijn verschenen:
  • betrokkene met zijn hiervoor genoemde advocaat;
  • [naam 2] , moeder van betrokkene; en
  • [naam 3] , verpleegkundige, verbonden aan GGZ Delfland.
1.3.
De officier is niet ter zitting verschenen, omdat hij een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig achtte.

2..Beoordeling

2.1.
Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling blijkt dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis, te weten recidiverende psychotische episodes in het kader van schizofrenie.
2.2.
Het gedrag van betrokkene leidt als gevolg van zijn psychische stoornis tot ernstig nadeel, gelegen in het bestaan van of het aanzienlijk risico op ernstig lichamelijk letsel, ernstige psychische schade en maatschappelijke teloorgang. Betrokkene is sinds februari 2019 gestaakt met de behandeling en de medicatie. Er is toenemend sprake van psychotische ontregeling. Er is lastig contact te krijgen met betrokkene. Betrokkene is gedesorganiseerd, er is sprake van verminderde zelfzorg en betrokkene dreigt schulden te krijgen. Bovendien is er de laatste tijd toenemend sprake van incidenten en bedreigingen van naasten. Betrokkene heeft een naaste gevraagd om een vuurwapen, hij heeft zijn ex-vriendin bedreigd, heeft gedreigd zijn kind mee te nemen en heeft de deur ingeslagen bij zijn ex-vriendin. Betrokkene heeft twee kinderen. Er zijn agressie incidenten die de kinderen ook hebben meegekregen.
2.3.
Om ernstig nadeel af te wenden en de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren, heeft betrokkene verplichte zorg nodig.
2.4.
Betrokkene zegt een zorg of medicatie nodig te hebben. Betrokkene heeft geen ziektebesef en staat niet open voor zorg. Gebleken is dat er geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis zijn. Om die reden is verplichte zorg nodig.
2.5.
De in het verzoekschrift opgenomen vormen van verplichte zorg zijn gebaseerd op de medische verklaring, het zorgplan en de bevindingen van de geneesheer-directeur. Deze vormen van verplichte zorg zijn door de rechtbank tijdens de mondelinge behandeling besproken met de aanwezigen. Gelet op het voorgaande acht de rechtbank de volgende vormen van verplichte zorg noodzakelijk om het ernstig nadeel af te wenden.
‘Reguliere verplichte zorg’
De rechtbank acht de volgende vormen van reguliere verplichte zorg noodzakelijk gedurende zes maanden:
  • het toedienen van medicatie, alsmede het verrichten van medische controles of andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening; en
  • het aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen (het meewerken aan ambulante behandeling).
‘Verplichte zorg in crisissituaties’
Ter zitting is besproken dat opname en de daarmee samenhangende vormen van verplichte zorg slecht worden toegepast indien op dat moment de reguliere vormen van verplichte zorg niet langer toereikend zijn om ernstig nadeel af te wenden. In crisissituaties mag binnen de komende zes maanden gebruik worden gemaakt van de volgende vormen van verplichte zorg:
  • het beperken van de bewegingsvrijheid; en
  • het opnemen in een accommodatie.
2.6.
De overige door de officier verzochte vormen van verplichte zorg worden door de rechtbank niet noodzakelijk geacht, omdat de noodzakelijkheid daarvan niet (afdoende) is gemotiveerd en de behandelaar tijdens de mondelinge behandeling gemotiveerd heeft verklaard dat deze niet nodig zijn om het ernstig nadeel af te wenden.
2.7.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De voorgestelde verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief. Uit de stukken blijkt dat bij het bepalen van de juiste zorg rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene.
2.8.
Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. De zorgmachtiging zal worden verleend voor de verzochte duur van zes maanden met ingang van vandaag.

3..Beslissing

De rechtbank:
3.1.
verleent een zorgmachtiging ten aanzien van [naam betrokkene] voornoemd;
3.2.
bepaalt dat bij wijze van verplichte zorg de maatregelen zoals opgenomen in rechtsoverweging 2.5. kunnen worden getroffen;
3.3.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 8 juni 2021.
Deze beschikking is op 8 december 2020 mondeling gegeven door mr. A.C. Hendriks, rechter, in tegenwoordigheid van M. Streefland, griffier en op 14 december 2020 schriftelijk uitgewerkt en getekend.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.