Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBROT:2020:1540

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
4 februari 2020
Publicatiedatum
21 februari 2020
Zaaknummer
FT RK 19-723
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3 lid 1 Verordening (EU) 2015/848Faillissementswet
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Faillietverklaring besloten vennootschap wegens betalingsonmacht

Op 4 februari 2020 heeft de Rechtbank Rotterdam een besloten vennootschap failliet verklaard op verzoek van een schuldeiser. De vennootschap was opgeroepen voor de mondelinge behandeling maar is niet verschenen. De rechtbank stelde vast dat er summierlijk bewijs was voor het vorderingsrecht van de verzoekster en dat de vennootschap was gestopt met betalen.

De rechtbank oordeelde dat zij bevoegd was de insolventieprocedure als hoofdprocedure te openen, omdat het centrum van voornaamste belangen van de vennootschap in Nederland ligt, conform artikel 3 lid 1 van Pro Verordening (EU) 2015/848. Vervolgens werd de vennootschap in staat van faillissement verklaard.

Daarnaast benoemde de rechtbank mr. C. de Jong tot rechter-commissaris en mr. J.O. Bijloo tot curator. De curator kreeg tevens de bevoegdheid om brieven en telegrammen aan de gefailleerde te openen. Tegen deze uitspraak kan binnen veertien dagen verzet worden ingesteld door een advocaat.

Uitkomst: De rechtbank verklaart de besloten vennootschap failliet en benoemt curator en rechter-commissaris.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team insolventie
Insolventienummer: [nummer]
Uitspraak: 4 februari 2020
VONNIS op het op 6 december 2019 ingekomen verzoekschrift, met bijlage(n), van:
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[verzoeksters],
gevestigd te [vestigingsplaats verzoeksters] , e.a.,
verzoeksters,
advocaat mr. M. Fuselier- Eikelboom,
strekkende tot faillietverklaring van:
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[verweerster],
kantoorhoudende te [vestigingsadres verweerster]
[vestigingsplaats verweerster] ,
statutair gevestigd te [plaats] ,
verweerster.

1.De procedure

Verzoeksters, bij monde van mr. I.G. Niesert, advocaat, zijn in raadkamer gehoord.
Verweerster is, hoewel op de bij de wet voorgeschreven wijze opgeroepen, niet verschenen.

2.De beoordeling

De rechtbank oordeelt dat summierlijk is gebleken van het vorderingsrecht van verzoeksters
en van het bestaan van feiten of omstandigheden die aantonen dat verweerster in de toestand verkeert dat zij heeft opgehouden te betalen.
De rechtbank is, gelet op het bepaalde in artikel 3 lid 1 Verordening Pro (EU) 2015/848 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie, bevoegd deze insolventieprocedure als hoofdprocedure te openen nu het centrum van voornaamste belangen van verweerster in Nederland ligt.

3.De beslissing

De rechtbank,
- verklaart [verweerster] voornoemd in staat van faillissement;
- benoemt tot rechter-commissaris mr. C. de Jong, lid van deze rechtbank;
- stelt aan tot curator mr. J.O. Bijloo, advocaat te Rotterdam;
- geeft last aan de curator tot het openen van brieven en telegrammen aan de gefailleerde gericht.
Dit vonnis is gewezen door mr. C. de Jong, rechter, en in aanwezigheid van
mr. M. Mouthaan, griffier, in het openbaar uitgesproken op 4 februari 2020 te 10:22 uur. [1]

Voetnoten

1.Tegen deze uitspraak kan degene aan wie de Faillissementswet dat recht toekent, gedurende veertien dagen na de dag van deze uitspraak, verzet instellen. Het verzet kan uitsluitend door een advocaat worden ingesteld bij een verzoekschrift, in te dienen ter griffie van de rechtbank die van deze zaak kennis moet nemen.