ECLI:NL:RBROT:2020:1669
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroepschrift niet-ontvankelijk wegens te late indiening na sluitingstijd rechtbank
Eiser heeft tegen een bestuurlijke boete van €2.100,- beroep ingesteld. Het beroepschrift was gedateerd op de laatste dag van de beroepstermijn, 27 maart 2019, maar werd door de rechtbank pas op 28 maart 2019 ontvangen en afgestempeld, waardoor het te laat was.
De gemachtigde van eiser stelde dat het beroepschrift rond 18:00 uur op 27 maart in de brievenbus van de rechtbank was gedaan, na sluitingstijd. De rechtbank oordeelde dat dit risico voor rekening van eiser komt en dat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat het beroepschrift tijdig was ontvangen.
De enkele stelling van aanwezigheid van collega’s als getuigen werd onvoldoende geacht, evenals het handgeschreven tijdstip op de enveloppe. De rechtbank weigerde zelf bewijs te verzamelen zoals camerabeelden. Omdat eiser geen feiten of omstandigheden aanvoerde die het verzuim konden rechtvaardigen, werd het beroep niet-ontvankelijk verklaard.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven binnen zes weken na verzending.
Uitkomst: Het beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens te late ontvangst van het beroepschrift.