ECLI:NL:RBROT:2020:1791
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Beschikking tot intrekking faillissementsverzoek wegens niet verschijnen verzoekster
De rechtbank Rotterdam behandelde het verzoek van POELIERSBEDRIJF RI-JO B.V. tot faillietverklaring van een verweerder. De behandeling is meerdere keren aangehouden, maar op de zittingsdatum verschenen verzoekster en verweerder niet in raadkamer. Volgens het procesreglement wordt een verzoek tot faillietverklaring als ingetrokken beschouwd indien verzoekster niet verschijnt zonder tijdig aanhoudingsverzoek.
De rechtbank constateerde dat geen aanhoudingsverzoek was ingediend en dat verzoekster niet tijdig verscheen. Daarom werd het verzoek als ingetrokken beschouwd. Ten overvloede overwoog de rechtbank dat, indien verzoekster wel tijdig was verschenen, het verzoek waarschijnlijk zou zijn afgewezen wegens het ontbreken van summierlijk bewijs van het vorderingsrecht.
Verzoekster had slechts een factuur overgelegd met een debiteur die niet overeenkwam met de verweerder, noch was een handelsregisteruittreksel overgelegd. De rechtbank wees erop dat het hoger beroep binnen acht dagen na uitspraak door een advocaat kan worden ingesteld bij het gerechtshof.
Uitkomst: Het verzoek tot faillietverklaring wordt als ingetrokken beschouwd wegens niet verschijnen verzoekster en onvoldoende bewijs van vorderingsrecht.