ECLI:NL:RBROT:2020:1892

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
30 januari 2020
Publicatiedatum
4 maart 2020
Zaaknummer
C/10/590025 / JE RK 20-186
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6.1.2 Jeugdwet
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Machtiging gesloten jeugdhulp voor ernstig gedragsprobleem bij minderjarige

De gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond verzocht de kinderrechter om een machtiging tot gesloten jeugdhulp voor een minderjarig kind met ernstige gedragsproblemen. Het kind verbleef reeds onder toezicht en in een open jeugdhulpvoorziening, maar deze bleek onvoldoende om het gedrag te stabiliseren.

Tijdens de zitting, die met gesloten deuren plaatsvond, werd het verzoek besproken met betrokkenen waaronder de ouders, de advocaat van het kind en vertegenwoordigers van de GI. De ouders erkenden de problematiek en stemden in met de gesloten plaatsing, hoewel zij liever zagen dat het kind thuis zou wonen.

De kinderrechter oordeelde dat de gedragsproblemen, waaronder oppositioneel opstandig gedrag en PTSS, de ontwikkeling ernstig belemmeren en dat gesloten jeugdhulp noodzakelijk is om verdere onttrekking aan hulp te voorkomen. De gedragswetenschapper adviseerde een gefaseerde behandeling in een gesloten setting, met als doel stabilisatie en therapie.

De machtiging werd voor zes maanden verleend, met het dringende advies om het kind zo spoedig mogelijk te plaatsen bij de gesloten groep van Bergse Bos. De beschikking werd openbaar uitgesproken op 30 januari 2020 en kan binnen drie maanden worden aangevochten door belanghebbenden.

Uitkomst: Machtiging gesloten jeugdhulp voor zes maanden verleend wegens ernstige gedragsproblemen en noodzaak tot gesloten plaatsing.

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK ROTTERDAM

Team Jeugd
Zaakgegevens: C/10/590025 / JE RK 20-186
datum uitspraak: 30 januari 2020

beschikking machtiging gesloten jeugdhulp

in de zaak van

de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond,

hierna te noemen de GI, gevestigd te Rotterdam,
betreffende

[naam kind] , geboren op [geboortedatum kind] 2011 te [geboorteplaats kind] ,

hierna te noemen [naam kind] .
De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:

[naam moeder] , hierna te noemen de moeder,

wonende te [woonplaats moeder] ,

[naam vader] , hierna te noemen de vader,

wonende te [woonplaats vader] .

Het procesverloopHet procesverloop blijkt uit de volgende stukken:

- het verzoek met bijlagen van de GI van 21 januari 2020, ingekomen bij de griffie op
22 januari 2020;
- de verklaring van 21 januari 2020 dat een voorziening nodig is op het gebied van jeugdhulp en verblijf niet zijnde verblijf bij een pleegouder;
- de brief van mr. M.P.G. Rietbergen van 24 januari 2020;
- de instemmende verklaring van 29 januari 2020 van de gekwalificeerde gedragsweten-schapper.
Op 30 januari 2020 heeft de kinderrechter de zaak ter zitting met gesloten deuren behandeld.
Gehoord zijn:
- de moeder,
- de vader,
- mr. M.P.G. Rietbergen, advocaat te Rotterdam, namens [naam kind] ,
- een tweetal vertegenwoordigsters van de GI, [naam vertegenwoordigster 1] en [naam vertegenwoordigster 2] .

De feitenHet ouderlijk gezag over [naam kind] wordt uitgeoefend door de ouders.

[naam kind] verblijft in de accommodatie jeugdhulpaanbieder Yulius.
Bij beschikking van 18 oktober 2019 is [naam kind] onder toezicht gesteld tot 18 oktober 2020. Tevens heeft de kinderrechter bij deze beschikking een machtiging verleend tot uithuis-plaatsing van [naam kind] in een accommodatie jeugdhulpaanbieder tot 18 april 2020.

Het verzoek

De GI verzoekt een machtiging om [naam kind] in een gesloten accommodatie te doen opnemen en te doen verblijven voor de duur van zes maanden.
De GI handhaaft ter zitting het verzoek en voert daartoe het volgende aan. Yulius heeft aangegeven [naam kind] niet meer te kunnen helpen gezien haar gedragsproblemen die zij vooral op school maar ook op de groep vertoont. De ouders hebben aangegeven dat [naam kind] deze gedragsproblemen enkel op school laat zien en niet in de thuissituatie. Wellicht dat er in de thuissituatie minder van haar wordt verwacht dan op school. Ook vertoont zij wegloop-gedrag. Yulius is van mening dat [naam kind] het beste in een gesloten jeugdhulpinstelling kan worden geplaatst. Een open plaatsing bij Bergse Bos is overwogen. Bergse Bos vindt de problematiek van [naam kind] echter te groot om haar in een open setting te plaatsen. Vanuit de gesloten jeugdhulp instelling zou [naam kind] , wanneer haar gedrag voldoende onder controle is, kunnen doorstromen naar de open setting van Bergse Bos. Ook binnen de gesloten setting kunnen vrijheden worden gegeven, indien blijkt dat [naam kind] dat aan kan. Binnen de gesloten setting zal er intensief met haar worden gewerkt, in samenwerking met de ouders.

De standpunten

De moeder verzet zich ter zitting niet tegen het verzoek. De moeder wil niet dat [naam kind] naar de gesloten jeugdhulpinstelling moet, maar zij ziet in dat dit momenteel de enige mogelijkheid is om [naam kind] te helpen. De moeder wil het liefste dat [naam kind] weer thuis komt wonen, maar vreest dat het thuis niet goed zal gaan omdat [naam kind] zulk heftig gedrag vertoont. [naam kind] moet leren gezag te accepteren, niet alleen van de ouders.
De vader sluit zich aan bij het standpunt van de moeder. De vader wil ook het liefste dat [naam kind] weer thuis komt wonen, maar ziet in dat dit momenteel niet mogelijk is. De vader hoopt dat [naam kind] de behandeling binnen de gesloten jeugdhulp goed zal oppakken zodat zij niet te lang bij Bergse Bos hoeft te verblijven.
De advocaat van [naam kind] geeft ter zitting aan geen bezwaar te hebben tegen het verzoek van de GI. Zij ziet dat [naam kind] twee ouders heeft die veel om haar geven en voor haar gaan. [naam kind] is een leuke meid, die graag wil leren. De groepsleiding van Yulius heeft bevestigd wat de ouders hier vandaag vertellen en wat in de instemmingsverklaring staat beschreven. Het is belangrijk dat [naam kind] zich weer kan gaan ontwikkelen. Een plaatsing bij Bergse Bos is een goede stap voor haar. Aan alle vereisten is voldaan. Het is belangrijk de lijntjes kort te houden. Daarnaast is het van groot belang dat er snel een plek komt voor [naam kind] bij Bergse Bos.

De beoordeling

Gelet op het bepaalde in artikel 6.1.2, tweede lid, Jeugdwet kan een machtiging gesloten jeugdhulp slechts worden verleend indien naar het oordeel van de kinderrechter deze jeugdhulp noodzakelijk is in verband met ernstige opgroei- of opvoedingsproblemen die de ontwikkeling van de jeugdige naar volwassenheid ernstig belemmeren. Bovendien dient de opneming en verblijf noodzakelijk te zijn om te voorkomen dat de jeugdige zich aan deze jeugdhulp onttrekt of daaraan door anderen wordt onttrokken. De kinderrechter is van oordeel dat hiervan sprake is.
Uit de overgelegde stukken en de behandeling ter zitting is gebleken dat het gedrag van [naam kind] achteruit is gegaan. Zij laat oppositioneel opstandig gedrag zien wat past bij een onveilige hechting en PTSS. Het is geregeld nodig om [naam kind] , wegens haar boze en fysiek opstandige gedrag, te separeren. Haar sociaal-emotionele en relationele ontwikkeling is ernstig verstoord. De behandeling bij Yulius - het verbeteren van de hechtingsrelatie en traumaverwerking - is helaas onvoldoende toereikend gebleken. Binnen Yulius worden voor haar geen mogelijkheden meer gezien. Zowel de fysieke als emotionele veiligheid van [naam kind] dient te worden gewaarborgd. Gezien de problematiek van [naam kind] is het van belang dat zij, overeenkomstig de verklaring van de gedragswetenschapper, zo spoedig mogelijk bij de gesloten groep van Bergse Bos wordt geplaatst. De gedragswetenschapper heeft aangegeven dat [naam kind] gebaat is bij een gefaseerde behandeling die aanvankelijk gericht zal zijn op stabilisatie, gevolgd door andere vormen van therapie. Haar perspectief dient snel helder te worden zodat zij weet waar zij naartoe werkt. Daarnaast kan, aldus de gedragswetenschapper, systemische behandeling overwogen worden.
De kinderrechter heeft niet met [naam kind] zelf kunnen spreken. Alle betrokkenen kunnen zich vinden in wat de advocaat van [naam kind] , die haar bij Yulius heeft bezocht, naar voren heeft gebracht.
De kinderrechter zal, op grond van vorenstaande, de machtiging gesloten jeugdhulp verlenen, en wel voor de verzochte periode van zes maanden. De kinderrechter benadrukt dat het van groot belang is voor de verdere ontwikkeling van [naam kind] dat zij snel bij Bergse Bos wordt geplaatst.

De beslissing

De kinderrechter:
verleent een machtiging gesloten jeugdhulp met ingang van vandaag tot 30 juli 2020 betreffende [naam kind] .
Deze beschikking is gegeven door mr. A.A.J. de Nijs, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. C.N. Arduin als griffier en in het openbaar uitgesproken op 30 januari 2020.
De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 21 februari 2020.
Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:
- door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,
- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.
Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshof
Den Haag.