De officier van justitie verzocht op 24 maart 2020 om voortzetting van een op 23 maart 2020 opgelegde crisismaatregel voor betrokkene, die ernstig depressief is met psychotische kenmerken en een autismespectrumstoornis. De mondelinge behandeling vond plaats op 27 maart 2020, waarbij betrokkene, haar arts-assistent, psychiater en advocaat telefonisch werden gehoord.
De rechtbank oordeelde dat er sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, waaronder levensgevaar, ernstig lichamelijk letsel en psychische schade. Betrokkene vertoont ernstig achteruitgang, weigert grotendeels te eten en drinken, en heeft suïcidale handelingen verricht. Het gedrag wordt vermoed veroorzaakt door een psychische stoornis, waaronder een depressie met psychotische kenmerken en een mogelijke cognitieve stoornis.
De crisismaatregel is noodzakelijk omdat de situatie te ernstig is om de procedure voor een zorgmachtiging af te wachten. De verplichte zorg omvat het toedienen van vocht, voeding en medicatie, bewegingsbeperking, insluiting, toezicht en opname. Betrokkene verzet zich tegen deze zorg, en er zijn geen minder bezwarende alternatieven.
De rechtbank acht de maatregelen evenredig en effectief en verleent de machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel met een geldigheidsduur van drie weken, tot en met 17 april 2020. Tegen deze beschikking staat cassatie open.