ECLI:NL:RBROT:2020:2866
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot voortzetting crisismaatregel op grond van Wvggz
De officier van justitie verzocht op 18 maart 2020 om voortzetting van een op 17 maart 2020 opgelegde crisismaatregel op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) voor betrokkene, die verblijft in een psychiatrische instelling. Bij de mondelinge behandeling op 20 maart 2020 werd betrokkene telefonisch gehoord samen met zijn advocaat, evenals de behandelend psychiater.
De psychiater gaf aan dat betrokkene zal worden ingesteld op medicatie en nog een week opgenomen moet blijven, waarna ambulante behandeling mogelijk is. Betrokkene stond niet onwelwillend tegenover de zorg en stemde in met de voorgestelde behandeling.
De rechtbank oordeelde dat niet is voldaan aan de criteria voor verplichte zorg zoals beschreven in artikel 3:3 en Pro 3:4 Wvggz, omdat betrokkene geen verzet toont. Daarom werd het verzoek tot voortzetting van de crisismaatregel afgewezen. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: Het verzoek tot voortzetting van de crisismaatregel wordt afgewezen omdat betrokkene geen verzet toont tegen verplichte zorg.