ECLI:NL:RBROT:2020:2877
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Toekenning zorgmachtiging op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg
De rechtbank Rotterdam behandelde op 27 maart 2020 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging aan betrokkene, die lijdt aan een psychotische stoornis. Betrokkene vertoonde ernstig nadeel door haar psychische toestand, waaronder een katatoon beeld en achterdocht die medicatieweigering veroorzaakte.
Tijdens de mondelinge behandeling werden betrokkene, twee psychiaters en de advocaat gehoord. De officier van justitie was niet aanwezig. Uit de medische verklaring en het zorgplan bleek dat vrijwillige zorg niet mogelijk was en dat verplichte zorg noodzakelijk is om ernstig nadeel af te wenden en de geestelijke gezondheid te stabiliseren.
De rechtbank oordeelde dat de criteria van de Wvggz waren vervuld en verleende de zorgmachtiging voor zes maanden. De verplichte zorg omvatte het toedienen van vocht, voeding en medicatie, beperking van bewegingsvrijheid, toezicht en opname in een accommodatie. Minder bezwarende alternatieven ontbraken en de zorg werd als evenredig en effectief beoordeeld.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor zes maanden met verplichte zorgmaatregelen om ernstig nadeel af te wenden.