ECLI:NL:RBROT:2020:2924
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Rechterlijke machtiging tot opname en verblijf op grond van de Wet zorg en dwang
De rechtbank Rotterdam behandelde op 18 maart 2020 het verzoek van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) tot een rechterlijke machtiging voor opname en verblijf van een cliënt met een psychogeriatrische aandoening, de ziekte van Alzheimer. De cliënt vertoonde ernstig nadeel door desoriëntatie, verwaarlozing en verbaal agressief gedrag, en had 24-uurs zorg nodig.
Tijdens de mondelinge behandeling werden cliënt, haar advocaat, de specialist ouderengeneeskunde en verzorgenden gehoord. De rechtbank constateerde dat cliënt zich verzette tegen opname, maar dat opname noodzakelijk en geschikt was om ernstig nadeel te voorkomen. Er waren geen minder ingrijpende alternatieven, aangezien cliënt thuiszorg weigerde en volledig afhankelijk was van haar dochter.
Hoewel de medische verklaring was opgesteld door een specialist verbonden aan de zorgaanbieder, wat in strijd is met artikel 26 lid 7 Wzd Pro, oordeelde de rechtbank dat dit geen consequenties heeft vanwege een naderend wetswijziging en het feit dat de specialist niet betrokken was bij de behandeling. De machtiging werd voor de duur van één jaar verleend, tot 18 maart 2021.
Uitkomst: De rechtbank verleent de machtiging tot opname en verblijf voor de duur van één jaar.