Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1..Onderzoek op de terechtzitting
2..Tenlastelegging
3..Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van het tenlastegelegde;
- veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 (twaalf) jaren, met aftrek van voorarrest.
4..Standpunt verdediging
5..Waardering van het bewijs
6..Strafbaarheid feit
7..Strafbaarheid verdachte
8..Motivering straf
9..Vorderingen benadeelde partijen / schadevergoedingsmaatregelen
€ 35.000,00 aan immateriële schade.
(€ 390,26 materiële schade en € 17.500,00 immateriële schade (affectieschade).
18.615,98, vermeerderd met de wettelijke rente en kosten als hieronder in de beslissing vermeld. Tevens wordt oplegging van de hierna te noemen maatregel als bedoeld in artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht passend en geboden geacht.
17.890,26, vermeerderd met de wettelijke rente en kosten als hieronder in de beslissing vermeld. Tevens wordt oplegging van de hierna te noemen maatregel als bedoeld in artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht passend en geboden geacht
10..Toepasselijke wettelijke voorschriften
11..Bijlagen
12..Beslissing
gevangenisstraf voor de duur van 10 (tien) jaren;
€ 18.615,98(
zegge: achttienduizendzeshonderdvijftien euro en achtennegentig cent), bestaande uit
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij te betalen
€ 18.615,98(hoofdsom,
zegge: achttienduizendzeshonderdvijftien euro en achtennegentig cent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 13 april 2019, tot aan de dag van de algehele voldoening, bij gebreke van betaling en verhaal van de hoofdsom te vervangen door
128 dagen gijzeling. De toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;
€ 17.890,26 (zegge: zeventienduizendachthonderdnegentig euro en zesentwintig cent), bestaande uit
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij te betalen
€ 17.890,26(hoofdsom,
zegge: zeventienduizendachthonderdnegentig euro en zesentwintig cent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 13 april 2019, tot aan de dag van de algehele voldoening, bij gebreke van betaling en verhaal van de hoofdsom te vervangen door
124 dagen gijzeling. De toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;