ECLI:NL:RBROT:2020:3242
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Toekenning zorgmachtiging op grond van Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg wegens borderline persoonlijkheidsstoornis en ernstige verslaving
De rechtbank Rotterdam behandelde op 1 april 2020 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging op grond van artikel 6:4 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) ten aanzien van betrokkene. Betrokkene lijdt aan een borderline persoonlijkheidsstoornis en een ernstige verslaving aan alcohol en cocaïne, wat leidt tot terugkerende episodes van ernstig nadelig gedrag en meerdere ziekenhuisopnames.
Tijdens de mondelinge behandeling werden betrokkene, haar advocaat, een psychiater en haar echtgenoot gehoord. Uit de medische verklaring en het zorgplan blijkt dat betrokkene onvoldoende bereid is vrijwillig behandeling te accepteren en dat ambulante zorg niet meer toereikend is. Het gedrag van betrokkene brengt ernstig nadeel met zich mee, waaronder levensgevaar en ernstige psychische schade, en heeft ook gevolgen voor haar gezin.
De rechtbank oordeelt dat aan de criteria voor verplichte zorg is voldaan, dat er geen minder bezwarende alternatieven zijn en dat de voorgestelde maatregelen proportioneel en effectief zijn. De zorgmachtiging wordt verleend voor de duur van zes maanden, waarbij verplichte zorg kan bestaan uit medicatie, medische controles, therapeutische maatregelen, bewegingsbeperking en opname in een accommodatie.
Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor zes maanden met verplichte zorgmaatregelen aan betrokkene.