Q-Park Operations Netherlands B.V. heeft de gedaagde aangesproken wegens het onrechtmatig verlaten van haar parkeeraccommodatie aan de Grote Markt te Den Haag op 22 september 2019. De gedaagde zou met haar voertuig treintje gereden hebben, waarbij zij zonder betaling achter een voorganger onder de slagboom doorreed. Q-Park vorderde betaling van het tarief verloren kaart, een aanvullende schadevergoeding en incassokosten.
De gedaagde betwistte de vordering en stelde niet aanwezig te zijn geweest in de parkeergarage en niet de bestuurder te zijn geweest. Zij voerde tevens mogelijke kentekenfraude aan. Q-Park bracht een DVD met camerabeelden in, waarop het kenteken duidelijk leesbaar was. De kantonrechter oordeelde dat de gedaagde onvoldoende gemotiveerd had betwist de bestuurder te zijn en dat het bewijsvermoeden dat de kentekenhouder ook de bestuurder is, niet was weerlegd.
De kantonrechter beoordeelde de toepasselijkheid en redelijkheid van de algemene voorwaarden en vond de schadevergoeding en het tarief niet onredelijk bezwarend. De vordering tot betaling van € 360,- aan hoofdsom, € 54,- aan buitengerechtelijke kosten en wettelijke rente vanaf 2 december 2019 werd toegewezen. De gedaagde werd veroordeeld in de proceskosten en het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.