ECLI:NL:RBROT:2020:4037
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek tot voortzetting crisismaatregel op grond van de Wvggz
De officier van justitie verzocht bij de rechtbank Rotterdam om voortzetting van een op 24 april 2020 opgelegde crisismaatregel op grond van artikel 7:7 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz). Betrokkene verblijft thans in een psychiatrische inrichting na een ernstige suïcidepoging.
Tijdens de mondelinge behandeling op 28 april 2020, gehouden via telefonische zitting vanwege COVID-19, werden betrokkene, zijn advocaat en behandelend psychiaters gehoord. De officier van justitie was niet aanwezig omdat nadere toelichting niet noodzakelijk werd geacht.
De rechtbank oordeelde dat er sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, namelijk levensgevaar, veroorzaakt door een psychische stoornis. De crisismaatregel is noodzakelijk om dit nadeel af te wenden. Verplichte zorg omvat medicatie, bewegingsbeperking en opname in een accommodatie. Betrokkene verzet zich tegen de zorg, maar de rechtbank acht de maatregel evenredig en noodzakelijk.
De machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel wordt toegekend voor een periode van drie weken, tot en met 19 mei 2020. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank verleent de machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor drie weken om ernstig levensgevaar als gevolg van een psychische stoornis af te wenden.