ECLI:NL:RBROT:2020:4278
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Toewijzing rechterlijke machtiging tot voortzetting verblijf op grond van de Wet zorg en dwang
Het CIZ verzocht de rechtbank Rotterdam om een rechterlijke machtiging tot voortzetting van het verblijf van een cliënt met een psychogeriatrische aandoening, Alzheimer, in een zorginstelling. De cliënt verblijft momenteel in Argos Zorggroep te Rotterdam en verzet zich tegen de voortzetting van het verblijf.
De rechtbank beoordeelde op grond van artikel 24 van Pro de Wet zorg en dwang (Wzd) of het gedrag van de cliënt leidt tot ernstig nadeel en of voortzetting van het verblijf noodzakelijk is om dit te voorkomen. Uit de medische verklaringen en het zorgplan bleek dat de cliënt 24-uurs zorg nodig heeft, medicatie voor hartproblemen niet zelfstandig inneemt, wat levensgevaarlijk is, en moeite heeft met dagelijkse levensverrichtingen.
De rechtbank concludeerde dat voortzetting van het verblijf noodzakelijk en geschikt is om ernstig nadeel te voorkomen en dat er geen minder ingrijpende mogelijkheden zijn. Ondanks het verzet van de cliënt, die liever naar een andere instelling wil, werd de machtiging verleend voor de duur van zes maanden. De beschikking is op 8 mei 2020 mondeling gegeven en op 12 mei 2020 schriftelijk vastgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verleent een machtiging tot voortzetting van het verblijf van de cliënt voor zes maanden.