ECLI:NL:RBROT:2020:4483
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek zorgmachtiging op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg
De officier van justitie heeft bij de rechtbank Rotterdam een verzoek ingediend tot het verlenen van een zorgmachtiging op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) ten aanzien van betrokkene, die lijdt aan een borderline persoonlijkheidsstoornis en zwakbegaafdheid met een zeer disharmonisch intelligentieprofiel, en kampt met chronische suïcidaliteit.
Tijdens de mondelinge behandeling, die telefonisch plaatsvond vanwege COVID-19, zijn betrokkene, haar advocaat, de behandelaar en haar ouders gehoord. De rechtbank concludeert dat het gedrag van betrokkene leidt tot ernstig nadeel, waaronder levensgevaar en ernstige psychische schade, en dat vrijwillige zorg niet mogelijk is vanwege haar ambivalente behandelwens en onvoldoende ziekte-inzicht.
De rechtbank acht verplichte zorg noodzakelijk en proportioneel, waaronder het toedienen van medicatie, het beperken van bewegingsvrijheid, insluiting en opname in een accommodatie indien nodig. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven beschikbaar. De zorgmachtiging wordt verleend voor de duur van zes maanden, tot en met 14 november 2020.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor zes maanden voor betrokkene wegens ernstig nadeel door psychische stoornis en afwezigheid van vrijwillige zorg.