Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 19 mei 2020 in de zaak tussen
de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
.
Rechtbank Rotterdam
De rechtbank Rotterdam behandelde het beroep van eiseres tegen een boete van €10.800 opgelegd door de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid wegens het niet treffen van voldoende valbeveiligingsmaatregelen op een duwbak. Het arbeidsongeval waarbij een werknemer viel, vormde de aanleiding voor de boete.
Eiseres voerde aan dat de Europese Richtlijn 2006/87/EG voor binnenschepen rechtstreeks van toepassing is en dat de Arbobesluitbepalingen niet van toepassing zouden zijn. De rechtbank oordeelde echter dat de Richtlijn zich richt op technische inrichting en certificering van schepen, terwijl het Arbobesluit zich richt op veilige arbeidsomstandigheden. Daarom was de boete terecht opgelegd wegens overtreding van artikel 3.16, vijfde lid, van het Arbobesluit.
Eiseres stelde dat in de binnenvaart gebruikelijk is zonder veiligheidsgordels te werken en beriep zich op het gelijkheidsbeginsel, maar dit werd verworpen omdat de omstandigheden van het ongeval en de aard van het werk dit niet rechtvaardigen. De rechtbank matigde de boete met 25% vanwege de ziekenhuisopname van het slachtoffer en verder met 12,5% vanwege de na de overtreding genomen adequate maatregelen, waaronder de ontwikkeling en gebruik van een veiligheidsgordel.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit voor zover het de hoogte van de boete betreft, stelde de boete vast op €6.750 en veroordeelde de verweerder tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: De boete wegens overtreding van valbeveiligingsvoorschriften wordt gematigd tot €6.750,- vanwege maatregelen na de overtreding.