ECLI:NL:RBROT:2020:4589
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Verlening zorgmachtiging op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg wegens schizofrenie en medicatieweigering
De rechtbank Rotterdam behandelde op 24 april 2020 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging op grond van artikel 6:4 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) ten aanzien van betrokkene, die lijdt aan schizofrenie en alcoholmisbruik.
Uit de medische verklaring en het zorgplan blijkt dat betrokkene zonder verplichte zorg zal stoppen met medicatie, wat een groot risico op psychotische decompensatie en ernstig nadeel inhoudt, waaronder verlies van woonplek en maatschappelijke teloorgang. Vrijwillige zorg is niet mogelijk vanwege het ontbreken van ziektebesef en bereidheid tot behandeling.
De rechtbank oordeelt dat het toedienen van medicatie noodzakelijk is als verplichte zorg om ernstig nadeel af te wenden en de geestelijke gezondheid te stabiliseren. Andere vormen van verplichte zorg worden niet noodzakelijk geacht. De zorgmachtiging wordt verleend voor de duur van zes maanden, met het oog op effectiviteit en evenredigheid.
De beschikking is mondeling gegeven op 24 april 2020 en schriftelijk uitgewerkt op 6 mei 2020. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor zes maanden voor het toedienen van medicatie als verplichte zorg.