ECLI:NL:RBROT:2020:4619
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing zorgmachtiging op grond van vrijwillige zorgacceptatie bij psychische stoornis
De officier van justitie verzocht de rechtbank Rotterdam om een zorgmachtiging te verlenen op grond van artikel 6:4 Wvggz Pro vanwege vermoedelijk ernstig nadeel veroorzaakt door een psychische stoornis bij betrokkene.
Tijdens de mondelinge behandeling op 6 mei 2020, die telefonisch plaatsvond vanwege COVID-19, werd vastgesteld dat betrokkene zelfstandig woont, huishoudelijke hulp accepteert, en eenmaal per maand contact heeft met ambulante behandelaars. Betrokkene gebruikt zijn medicatie en verklaarde niet opgenomen te willen worden, maar wel zorg en medicatie te accepteren om opname te voorkomen.
De rechtbank oordeelde dat omdat de noodzakelijke zorg op vrijwillige basis wordt geaccepteerd en betrokkene niet wil worden opgenomen, het uiterste middel van verplichte zorg niet noodzakelijk is. Daarom werd het verzoek tot zorgmachtiging afgewezen. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: Het verzoek tot zorgmachtiging wordt afgewezen omdat betrokkene vrijwillig zorg accepteert en opname wil vermijden.