Stedin Netbeheer B.V. vorderde bij de rechtbank Rotterdam een machtiging om de gasaansluiting van de gedaagde te mogen afsluiten en hem te veroordelen in de afsluitkosten en buitengerechtelijke incassokosten. De gedaagde had geen energiecontract en maakte geen gebruik van gas, en had meerdere keren aangegeven akkoord te zijn met afsluiting. Tijdens de procedure bleek dat de gedaagde via zijn broer een aanvraag tot afsluiting had ingediend en de offerte daarvoor was betaald.
De kantonrechter oordeelde dat Stedin onvoldoende belang had bij de toewijzing van de vorderingen tot machtiging, omdat de afsluiting reeds kon plaatsvinden. Daarom werden deze vorderingen afgewezen. Wel werd geoordeeld dat de gedaagde aansprakelijk was voor de buitengerechtelijke incassokosten, omdat hij naliet tijdig een leverancier te contracteren en de afsluiting zelf aan te vragen, ondanks zijn ziekte.
De gedaagde werd veroordeeld tot betaling van €100 aan incassokosten en de proceskosten van Stedin. De rechtbank erkende de omstandigheden van de gedaagde, maar vond dat het tijdig inschakelen van hulp op zijn weg lag. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.