De gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond verzocht om een machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige bij zijn vader voor de duur van de ondertoezichtstelling. De minderjarige woont sinds enkele weken bij zijn vader vanwege conflicten in de thuissituatie bij de moeder en stiefvader, wat voor meer rust heeft gezorgd.
De moeder, vader en stiefvader werken samen en hebben inmiddels gezamenlijk het ouderlijk gezag aangevraagd. De moeder stemde in met de plaatsing bij de vader en gaf aan de minderjarige niet te kunnen tegenhouden. De vader stimuleert het contact tussen de minderjarige en zijn moeder, en de stiefvader gaf aan dat de situatie meer rust geeft.
De kinderrechter oordeelde dat de uithuisplaatsing noodzakelijk is in het belang van de verzorging en opvoeding van de minderjarige, en verleende de machtiging tot uithuisplaatsing bij de vader van 15 mei 2020 tot 25 februari 2021. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en hoger beroep is mogelijk binnen drie maanden na uitspraak.