ECLI:NL:RBROT:2020:4744

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
15 mei 2020
Publicatiedatum
2 juni 2020
Zaaknummer
C/10/594621 / JE RK 20-966
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:265c BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlenging machtiging tot uithuisplaatsing minderjarige in belang van verzorging en opvoeding

De gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond verzocht om verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige die sinds november 2019 onder toezicht staat en verblijft bij Stichting Jeugdformaat. De minderjarige vertoont zelfbepalend gedrag, houdt zich niet altijd aan regels en afspraken, zowel thuis als op de groep. Er is een wachtlijst voor Multi Systeem Therapie (MST), en alternatieve therapie (MDFT) wordt overwogen om de communicatie tussen de minderjarige en zijn moeder te verbeteren en zijn boosheid beter te leren beheersen.

De moeder stemt in met het verzoek maar uit zorgen over de huidige verblijfsplek vanwege gebrek aan communicatie en structuur. De kinderrechter oordeelt dat verlenging noodzakelijk is in het belang van de verzorging en opvoeding van de minderjarige, conform artikel 1:265c lid 2 BW. Er zal in de komende periode systeemtherapie worden ingezet en afhankelijk van de resultaten wordt bekeken of terugkeer naar huis mogelijk is of dat een andere vervolgplek nodig is.

De machtiging tot uithuisplaatsing wordt verlengd tot 23 september 2020, de duur van de ondertoezichtstelling. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en kan binnen drie maanden worden aangevochten door belanghebbenden via hoger beroep bij het gerechtshof Den Haag.

Uitkomst: De machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarige wordt verlengd tot 23 september 2020.

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK ROTTERDAM

Team Jeugd
zaakgegevens: C/10/594621 / JE RK 20-966
datum uitspraak: 15 mei 2020

beschikking verlenging machtiging tot uithuisplaatsing

in de zaak van

de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond, hierna te noemen de GI, gevestigd te Rotterdam,

betreffende
[naam minderjarige], geboren op [geboortedatum minderjarige] 2005 te [geboorteplaats minderjarige] ,
hierna te noemen [voornaam minderjarige] .
De kinderrechter merkt als belanghebbende aan:
[naam moeder] ,hierna te noemen de moeder, wonende op een bij de rechtbank bekend adres.

Het procesverloop

Het procesverloop blijkt uit het verzoekschrift met bijlagen van de GI van 7 april 2020, ingekomen bij de griffie op 8 april 2020.
Vanwege het beleid van de Raad voor de rechtspraak om verspreiding van het coronavirus tegen te gaan, zoals dat op www.rechtspraak.nl is gepubliceerd, heeft er geen fysieke zitting plaatsgevonden. De partijen zijn in de gelegenheid gesteld om door de kinderrechter telefonisch te worden gehoord.
Op 15 mei 2020 heeft de kinderrechter, in het bijzijn van de griffier, telefonisch gehoord:
- [voornaam minderjarige] , die apart is gehoord,
- de moeder,
- een vertegenwoordiger van de GI, dhr. [naam vertegenwoordiger] .

De feiten

Het ouderlijk gezag over [voornaam minderjarige] wordt uitgeoefend door de moeder.
[voornaam minderjarige] verblijft bij Stichting Jeugdformaat.
Bij beschikking van 23 september 2019 is [voornaam minderjarige] onder toezicht gesteld tot 23 september 2020
De kinderrechter heeft bij beschikking van 25 november 2019 een machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder verleend tot 25 mei 2020.
Het verzoekDe GI heeft verzocht de machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] in een open instelling te verlengen voor de duur van de ondertoezichtstelling.
De GI heeft het verzoek gehandhaafd en als volgt toegelicht. [voornaam minderjarige] wil graag weer thuis wonen en ook de moeder wil dat [voornaam minderjarige] uiteindelijk weer thuis komt wonen, maar er moet nog veel gebeuren om dit mogelijk te maken. [voornaam minderjarige] geeft zelf aan dat hij wil werken aan het verbeteren van de communicatie tussen hem en zijn moeder. Ook moet hij beter leren omgaan met zijn boosheid. [voornaam minderjarige] kan zelfbepalend gedrag vertonen. Hij houdt zich niet altijd aan de regels thuis en op de groep. Er is Multi Systeem Therapie (MST) aangevraagd om aan bepaalde doelen te werken, maar er is sprake van een wachtlijst. Er wordt daarom ook gekeken naar de mogelijkheden om MultiDimensionele FamilieTherapie (MDFT) in te zetten. Het is van belang dat er zo spoedig mogelijk hulp kan starten. De GI heeft twijfels of Stichting Jeugdformaat de juiste plek is voor [voornaam minderjarige] . Hij heeft duidelijkheid, structuur en regels nodig. De GI wil afwachten wat de effecten zijn van MST voordat een beslissing wordt genomen over een vervolgplek.
De moeder heeft ingestemd met het verzoek van de GI. Zij heeft naar voren gebracht dat zij niet tevreden is met de groep waar [voornaam minderjarige] momenteel verblijft. Het ontbreekt aan communicatie en [voornaam minderjarige] krijgt geen regels geboden op de groep. Op 20 mei 2020 zal er een evaluatie plaatsvinden. De moeder wil graag horen wat de groep hun te bieden heeft en wat de mogelijkheden zijn om toe te werken naar huis. Een volledige thuisplaatsing van [voornaam minderjarige] is op dit moment niet mogelijk, omdat het ontbreekt aan school en dagbesteding. [voornaam minderjarige] heeft wel stappen gemaakt. De communicatie tussen [voornaam minderjarige] en de moeder is verbeterd.

De beoordeling

Uit de overgelegde stukken en wat door partijen telefonisch naar voren is gebracht, volgt dat de verlenging van de uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] noodzakelijk is in het belang van zijn verzorging en opvoeding (artikel 1:265c, tweede lid, van het Burgerlijk Wetboek). [voornaam minderjarige] verblijft sinds november 2019 bij Stichting Jeugdformaat. Er bestaan tot op heden zorgen over het zelfbepalende gedrag van [voornaam minderjarige] . Hij houdt zich niet altijd aan de afspraken, zowel thuis bij de moeder als op de groep waar hij verblijft.
Voordat er toegewerkt kan worden naar een thuisplaatsing zal er gewerkt moeten worden aan de ouder-kindrelatie tussen [voornaam minderjarige] en de moeder. In de komende periode zal er daarom systeemtherapie worden ingezet, in de vorm van MST of MDFT. Er dient onder meer aandacht te zijn voor de communicatie tussen [voornaam minderjarige] en de moeder. Ook is het van belang dat [voornaam minderjarige] leert omgaan met zijn boosheid en dat hij leert om gezag te accepteren.
De moeder heeft haar zorgen geuit over de groep waar [voornaam minderjarige] momenteel verblijft. Ook vanuit de GI zijn er twijfels of Stichting Jeugdformaat een passende plek is voor [voornaam minderjarige] . Afhankelijk van de resultaten van de in te zetten hulpverlening moet bezien worden of een thuisplaatsing tot de mogelijkheden behoort of dat er wellicht gezocht moet worden naar een andere passende vervolgplek voor [voornaam minderjarige] . Nu een thuisplaatsing op dit moment niet aan de orde is, zal de kinderrechter de machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder verlengen voor de duur van de ondertoezichtstelling.

De beslissing

De kinderrechter:
verlengt de machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder tot 23 september 2020;
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. A.A.J. de Nijs, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. R. Spaans als griffier en in het openbaar uitgesproken op 15 mei 2020.
De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 2 juni 2020.
Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:
- door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,
- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.
Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshof
Den Haag.