ECLI:NL:RBROT:2020:4996
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Vervallen verklaring schriftelijke aanwijzing en afwijzing verzoek uitbreiding omgangsregeling minderjarige
De rechtbank Rotterdam behandelde op 12 februari 2020 een verzoek van de moeder van een minderjarige om de schriftelijke aanwijzing van de gecertificeerde instelling (GI) te laten vervallen en om een uitbreiding van de omgangsregeling met haar kind vast te stellen.
De moeder oefent het ouderlijk gezag uit, maar het kind is onder toezicht gesteld en geplaatst in een pleeggezin. De GI had de omgangsregeling beperkt van eenmaal per twee weken een half uur naar eenmaal per maand een half uur, zonder voldoende motivering. De moeder wenste juist meer omgang, namelijk eenmaal per week twee uur.
De GI stelde dat de moeder door haar verstandelijke beperking niet kan bieden wat het kind nodig heeft en dat het kind zich goed hecht in het pleeggezin. De GI verzocht een onderzoek naar een gezagsbeëindigende maatregel. De rechtbank oordeelde dat de schriftelijke aanwijzing onvoldoende gemotiveerd was en verklaarde deze vervallen. Het verzoek tot uitbreiding van de omgangsregeling werd afgewezen, omdat het belang van het kind stabiliteit en continuïteit vereist. De omgang blijft voorlopig ongewijzigd, te weten eenmaal per twee weken een half uur, totdat het onderzoek van de Raad voor de Kinderbescherming is afgerond.
Uitkomst: De schriftelijke aanwijzing wordt vervallen verklaard en het verzoek tot uitbreiding van de omgangsregeling wordt afgewezen; de omgang blijft ongewijzigd.