Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..Het verloop van de procedure
2..De vaststaande feiten
3..De vordering
4..Het verweer
5..De beoordeling
6..De beslissing
:
Rechtbank Rotterdam
Eiser huurde vanaf maart 2018 een kamer van gedaagde en betaalde een waarborgsom van €1.100,-. Na opzegging van de huurovereenkomst en uitschrijving, betaalde gedaagde in twee termijnen de waarborgsom terug. Eiser vorderde daarnaast wettelijke rente en incassokosten.
De kantonrechter oordeelde dat de waarborgsom reeds was voldaan en wees de vordering tot terugbetaling daarvan af. Wel werd de wettelijke rente toegewezen vanaf de dag van dagvaarding, omdat eiser geen concrete datum van verzuim had gesteld. Het verweer van gedaagde dat hij schade en verbruikskosten mocht verrekenen werd verworpen wegens onvoldoende onderbouwing.
De vordering tot incassokosten werd afgewezen omdat de aanmaningsbrief niet voldeed aan de wettelijke eisen. Gedaagde werd veroordeeld in de proceskosten, die beperkt bleven tot griffierecht en salaris gemachtigde vanwege toevoeging. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van wettelijke rente over de waarborgsom en proceskosten, incassokosten worden afgewezen.