Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
- [naam 1] , bestuurder en voorzitter van aangeefster; en
- [naam 2] , bestuurder en penningmeester van aangeefster.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Rotterdam
De stichting heeft op eigen aangifte een verzoek tot faillietverklaring ingediend bij de rechtbank Rotterdam. De rechtbank heeft het verzoek behandeld conform de Tijdelijk afwijkende regeling Insolventiezaken rechtbanken vanwege de coronacrisis (TARIC), waarbij de bestuurders telefonisch zijn gehoord.
De beoordeling richtte zich op artikel 6 lid 3 van Pro de Faillissementswet, dat vereist dat summierlijk blijkt dat de schuldenaar is opgehouden te betalen en dat er sprake is van meer dan één schuldeiser met ten minste één opeisbare vordering (pluraliteitsvereiste). Tijdens de behandeling bleek dat de stichting slechts één schuldeiser heeft die onbetaald blijft, waardoor niet aan het vereiste is voldaan.
De rechtbank wijst het verzoek tot faillietverklaring daarom af. Tevens overweegt de rechtbank dat de stichting mogelijk kan worden ontbonden op grond van artikel 2:19 BW Pro indien zij geen baten meer heeft. In dat geval kan een crediteur aannemelijk maken dat er toch baten zijn voor een eventueel faillissementsverzoek.
De beschikking is gegeven op 18 juni 2020 door rechter Frima, met mogelijkheid tot hoger beroep binnen acht dagen door een advocaat bij het gerechtshof.
Uitkomst: Verzoek tot faillietverklaring wordt afgewezen wegens ontbreken van meerdere schuldeisers.