ECLI:NL:RBROT:2020:5407
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Verlening zorgmachtiging voor betrokkene met schizofrenie ter voorkoming ernstig nadeel
De rechtbank Rotterdam behandelde op 14 mei 2020 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging op grond van artikel 6:4 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) ten aanzien van betrokkene, die lijdt aan schizofrenie.
Uit de medische verklaring en het zorgplan bleek dat betrokkene door zijn psychische stoornis ernstig nadeel ondervindt, waaronder risico op lichamelijk letsel, materiële schade en maatschappelijke teloorgang. Betrokkene was onvoldoende bereid zorg op vrijwillige basis te accepteren, waardoor verplichte zorg noodzakelijk werd geacht.
De rechtbank stelde vast dat de voorgestelde vormen van verplichte zorg, zoals medicatietoediening, bewegingsbeperking, insluiting en toezicht, noodzakelijk, evenredig en effectief zijn om het ernstig nadeel af te wenden. Er waren geen minder bezwarende alternatieven beschikbaar.
De zorgmachtiging werd verleend voor de duur van twee maanden, omdat betrokkene en zijn advocaat een plan van aanpak waren gestart dat mogelijk zorg op vrijwillige basis kan faciliteren. De korte duur geeft ruimte voor verdere uitwerking en overleg met het behandelteam.
De beschikking werd mondeling gegeven op 14 mei 2020 en schriftelijk uitgewerkt op 19 mei 2020. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor twee maanden om ernstig nadeel bij betrokkene met schizofrenie af te wenden.