Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
Stichting Fien Wonen,
Rechtbank Rotterdam
De huurder van een woning in Hardinxveld-Giessendam huurt sinds juni 2019 een woning van Stichting Fien Wonen. In oktober 2019 trof de politie in de woning een handelshoeveelheid drugs aan, waaronder MDMA, cocaïne, amfetamine en hennep, verspreid over verschillende ruimtes. De burgemeester sloot de woning voor drie maanden op grond van de Opiumwet vanwege het aantreffen van drugs en het herstellen van de openbare orde.
Fien Wonen ontbond daarop de huurovereenkomst buitengerechtelijk en vorderde ontruiming van de woning. De huurder betwistte de ontbinding en voerde zwaarwegende persoonlijke belangen aan, zoals de behandeling en begeleiding van haar jongste zoon die PTSS heeft. Zij stelde niet op de hoogte te zijn geweest van de drugs en benadrukte goed contact met de buurt.
De rechtbank oordeelde dat de ontbinding van de huurovereenkomst op grond van artikel 7:231 lid 2 BW Pro rechtmatig is, ook zonder verwijtbare tekortkoming van de huurder. De civiele rechter toetst de proportionaliteit van ontruiming en houdt rekening met belangenafweging. Gezien de handelshoeveelheid drugs, het ontbreken van toezicht door de huurder en het belang van Fien Wonen bij handhaving van haar zero tolerance beleid, is ontruiming niet onaanvaardbaar.
Hoewel de persoonlijke omstandigheden van de huurder en haar zoon worden erkend, wegen deze niet zwaarder dan het algemene belang van leefbaarheid en veiligheid. De ontruiming wordt toegewezen met een termijn van vier weken, rekening houdend met coronamaatregelen. De huurder wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De huurder wordt veroordeeld tot ontruiming van de woning binnen vier weken, met veroordeling in de proceskosten.