ECLI:NL:RBROT:2020:5450
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Toewijzing voortzetting crisismaatregel op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg
De officier van justitie verzocht om voortzetting van een op 25 mei 2020 opgelegde crisismaatregel voor betrokkene, die verblijft in een zorginstelling. De mondelinge behandeling vond plaats op 27 mei 2020, telefonisch vanwege COVID-19, waarbij betrokkene en een arts werden gehoord. De officier was niet aanwezig.
De rechtbank beoordeelde het verzoek aan de hand van artikel 7:7 Wvggz Pro en gerelateerde bepalingen. Er is vastgesteld dat er sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel door een paranoïde psychotisch toestandsbeeld, met symptomen als waanideeën, angst en agressie. Betrokkene toont geen ziekte-inzicht en weigert hulp, terwijl minder bezwarende alternatieven ontbreken.
De rechtbank achtte de voortzetting van de crisismaatregel noodzakelijk en proportioneel, met verplichte zorg zoals medicatie, bewegingsbeperking, insluiting, toezicht en onderzoek aan persoon en verblijfsruimte. De machtiging geldt voor drie weken tot en met 17 juni 2020. Tegen de beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel met verplichte zorg voor drie weken.