ECLI:NL:RBROT:2020:5476
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- D.I. Hendriks
- Rechtspraak.nl
Rechterlijke machtiging tot opname en verblijf in verpleeghuis wegens dementie
De rechtbank Rotterdam behandelde op 7 mei 2020 het verzoek van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) om een rechterlijke machtiging tot opname en verblijf van cliënt in een geregistreerde accommodatie op grond van artikel 26 van Pro de Wet zorg en dwang (Wzd).
Cliënt lijdt aan een psychogeriatrische aandoening, vermoedelijk de ziekte van Alzheimer, die leidt tot ernstig nadeel zoals geheugenstoornissen, desoriëntatie en afhankelijkheid van zorg bij dagelijkse levensverrichtingen. Cliënt en zijn echtgenote, die eveneens dementie heeft, dwalen regelmatig samen over straat en worden in verwarde toestand aangetroffen. Thuiszorg wordt regelmatig geweigerd en mantelzorgers dreigen overbelast te raken.
De rechtbank oordeelde dat opname en verblijf noodzakelijk zijn om het ernstig nadeel te voorkomen, dat minder ingrijpende middelen niet toereikend zijn en dat cliënt zich tegen opname verzet. De machtiging wordt voor zes maanden verleend. Tevens wordt het belang onderschreven dat cliënt en zijn echtgenote in hetzelfde verpleeghuis worden geplaatst, waarbij de casemanager zich hiervoor zal inspannen.
Uitkomst: Rechterlijke machtiging tot opname en verblijf in verpleeghuis voor zes maanden verleend.