ECLI:NL:RBROT:2020:5525
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Verlening zorgmachtiging op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg
De rechtbank Rotterdam behandelde op 11 mei 2020 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging op grond van artikel 6:4 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz).
Betrokkene lijdt aan een autismespectrumstoornis, schizofrenie en een stoornis in middelengebruik. Zijn gedrag leidt tot ernstig nadeel, waaronder levensgevaar en psychische schade, vooral wanneer hij zijn medicatie niet gebruikt en drugs gebruikt. De medische stukken en mondelinge behandeling toonden aan dat betrokkene onvoldoende bereid is vrijwillige zorg te accepteren.
De rechtbank oordeelde dat verplichte zorg noodzakelijk is om ernstig nadeel af te wenden en de geestelijke gezondheid te stabiliseren. De verplichte zorg wordt beperkt tot het toedienen van medicatie, aangezien andere vormen niet noodzakelijk zijn gebleken. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven en de zorg is evenredig en effectief.
De zorgmachtiging wordt verleend voor een periode van zes maanden tot 11 november 2020. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor zes maanden met verplichte medicatietoediening.