ECLI:NL:RBROT:2020:5602
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vorderingen inzake taxatie woning, informatieverstrekking en vaststelling erfdeel in nalatenschapsgeschil
In deze civiele zaak staat een geschil tussen broer en zus over de afwikkeling van de nalatenschappen van hun overleden ouders centraal. Eiser vordert onder meer een nieuwe taxatie van een woning, aanvullende informatie over roerende zaken en de vaststelling van zijn erfdeel en legitieme portie. De rechtbank overweegt dat eiser onvoldoende belang en onderbouwing heeft gegeven voor een nieuwe taxatie, mede gezien eerdere taxaties en WOZ-waarden.
Ten aanzien van de gevraagde inlichtingen over roerende zaken en schenkingen oordeelt de rechtbank dat er geen aanwijzingen zijn dat gedaagde en de Stichting informatie achterhouden. De door eiser gestelde hogere waarde van sieraden en munten wordt niet voldoende onderbouwd en de schenkingen zijn testamentair niet in te brengen.
De vordering tot vaststelling van het erfdeel en legitieme portie wordt afgewezen omdat deze is gebaseerd op de eerder afgewezen waarderingen. Ook de vordering dat de aanslag schenkbelasting ten laste van de nalatenschap komt, wordt afgewezen wegens ontbreken van bewijs. De rechtbank compenseert de proceskosten, zodat iedere partij zijn eigen kosten draagt.
Uitkomst: Alle vorderingen van eiser worden afgewezen en partijen dragen hun eigen proceskosten.