ECLI:NL:RBROT:2020:563
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen sluiting en weigering exploitatievergunning café Schiedam
Verzoeksters hebben bij de rechtbank Rotterdam een voorlopige voorziening gevraagd tegen drie besluiten van de burgemeester van Schiedam: de afwijzing van een exploitatievergunning, een tijdelijke sluiting van het pand en een sluiting voor onbepaalde tijd. De voorzieningenrechter oordeelde dat het spoedeisend belang ontbrak, onder meer omdat de termijn van de tijdelijke sluiting was verstreken en de vermeende risico's zoals brandgevaar en bederfelijke waren konden worden ondervangen door afspraken met de gemeente.
Verder werd het financiële belang van verzoeksters niet voldoende onderbouwd om een acute noodsituatie aan te nemen. De rechtbank verwierp ook het betoog dat de vergunningenstelsels nietig zouden zijn wegens schending van de Dienstenrichtlijn, omdat dit niet leidt tot het buiten toepassing laten van nationale vergunningseisen.
De voorzieningenrechter concludeerde dat geen sprake was van een apert onrechtmatig besluit en dat er geen reden was om een voorlopige voorziening te treffen. De verzoeken werden daarom afgewezen en er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: De verzoeken om voorlopige voorziening tegen de afwijzing van de vergunning en de sluiting van het café worden afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang en geen apert onrechtmatig besluit.