ECLI:NL:RBROT:2020:5651
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Toewijzing zorgmachtiging op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg
De officier van justitie verzocht de rechtbank Rotterdam om een zorgmachtiging te verlenen voor betrokkene, die lijdt aan schizofrenie, een autismespectrumstoornis en een stoornis in het gebruik van middelen. Betrokkene verblijft in een begeleidde woonvorm en is ambivalent over medicatiegebruik, wat het risico op ontregeling en agressief gedrag verhoogt.
Tijdens de mondelinge behandeling, die telefonisch plaatsvond vanwege COVID-19, werden betrokkene, diens advocaat, een psychiater en een maatschappelijk werker gehoord. De rechtbank stelde vast dat betrokkene ernstig nadeel kan ondervinden door zijn psychische stoornissen, waaronder het risico op ernstig lichamelijk letsel en psychische schade.
De rechtbank oordeelde dat verplichte zorg noodzakelijk is omdat betrokkene onvoldoende bereid is vrijwillige zorg te accepteren en dat er geen minder bezwarende alternatieven zijn. De toegewezen zorg omvat het toedienen van medicatie, voeding, vocht en medische controles, evenals controle op middelengebruik. De machtiging geldt voor zes maanden tot 20 november 2020.
De rechtbank wees enkele door de officier verzochte zorgvormen af wegens onvoldoende noodzaak, mede omdat betrokkene langere tijd stabiel is geweest zonder klinische opname. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor zes maanden wegens ernstig nadeel en ambivalentie over medicatiegebruik.