ECLI:NL:RBROT:2020:5692
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging verstekvonnis wegens niet tijdige betaling griffierecht in verzetzaak
In deze civiele verzetzaak vordert eiser vernietiging van een eerder verstekvonnis en ontheffing van de veroordelingen die daarin zijn uitgesproken. De zaak betreft de koop van een appartementsrecht waarbij eiser zich beroept op zijn geestelijke toestand en onduidelijkheid over de verkoop.
De rechtbank constateert dat het griffierecht in de verzetprocedure niet binnen de wettelijk voorgeschreven termijn van vier weken na de eerste roldatum is betaald. Hoewel de advocaat van eiser een beroep doet op de hardheidsclausule vanwege gezondheidsproblemen van de moeder van eiser en de coronamaatregelen, oordeelt de rechtbank dat deze omstandigheden binnen de risicosfeer van eiser vallen.
Daarom wordt het verstekvonnis van 27 november 2019 bekrachtigd en wordt eiser veroordeeld in de proceskosten van het verzet. De rechtbank houdt verdere beslissingen aan.
Uitkomst: Het verstekvonnis van 27 november 2019 wordt bekrachtigd wegens niet tijdige betaling van het griffierecht.