Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
beschikking verlenging uithuisplaatsing
[naam minderjarige] ,
[naam moeder] ,
Het procesverloop
De feiten
Het aangehouden verzoek
Het standpunt van de moeder
De beoordeling
De beslissing
Den Haag.
Rechtbank Rotterdam
De rechtbank Rotterdam heeft op 26 juni 2020 besloten de machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige te verlengen tot 11 oktober 2020. De minderjarige verblijft in een pleeggezin, waar hij zich goed ontwikkelt en herenigd is met zijn zussen. De moeder oefent het ouderlijk gezag uit, maar heeft onvoldoende opvoedvaardigheden getoond, ondanks intensieve begeleiding in het babyhuis.
De gecertificeerde instelling (GI) heeft het verzoek tot verlenging ingediend en benadrukt dat een terugkeer naar de moeder op dit moment niet mogelijk is. De moeder woont in een beschermd wonen voorziening en werkt aan stabiliteit en zelfstandigheid. De betrokken jeugdbeschermer blijft bij het gezin betrokken, wat zowel door de moeder als de GI als wenselijk wordt beschouwd.
De rechtbank acht verlenging noodzakelijk in het belang van de verzorging en opvoeding van de minderjarige. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en kan binnen drie maanden worden aangevochten door belanghebbenden via hoger beroep bij het gerechtshof Den Haag.
Uitkomst: De rechtbank verlengt de machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarige tot 11 oktober 2020.