Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..Het verloop van de procedure
2..De vaststaande feiten
3..De vordering
- het gehuurde te ontruimen en te verlaten met al het zijne en zijnen en het gehuurde onder afgifte van de sleutels geheel ontruimd ter vrije beschikking van [eiseres] te stellen en te laten;
- te betalen een bedrag van € 9.066,43 aan achterstallige huur berekend tot en met de maand juni 2020, wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten, vermeerderd met de wettelijke rente over € 8.196,00 vanaf 10 juni 2020 tot aan de dag der algehele voldoening;
- € 1.882,00 te betalen voor elke maand dat [gedaagde] vanaf 1 juli 2020 in het gehuurde verblijft tot de ontruiming voor vervallen huur c.q. schadevergoeding wegens huurderving;
- te betalen de proceskosten, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf veertien dagen na betekening van het in deze procedure te wijzen vonnis.